Van plannen naar projecten: zo helpt de Woningbouwimpuls gemeenten vooruit

In een eerdere blog schreven we over de Realisatiestimulans: een regeling die gemeenten vanaf 2026 beloont met €7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw is gestart. Maar dat is niet de enige rijksregeling die woningbouw stimuleert. Er is ook de Woningbouwimpuls (WBI) — een krachtig instrument dat zich richt op het financieel mogelijk maken van woningbouwprojecten met een onrendabele top. In deze blog leggen we uit wat de Woningbouwimpuls precies is, hoe je als gemeente gebruik kunt maken van de regeling, en waarom data en monitoring — en dus ook Juno — een belangrijke rol spelen bij een succesvolle aanvraag.

Wat is de Woningbouwimpuls?

De Woningbouwimpuls is een subsidieregeling van het Rijk waarmee gemeenten steun kunnen aanvragen voor woningbouwprojecten met een aantoonbaar publiek financieel tekort. De regeling bestaat al sinds 2020 en is inmiddels toe aan de zevende tranche.

Doel: versnelling van woningbouw door het overbruggen van de financiële kloof die publieke partijen ervaren bij bijvoorbeeld de aanleg van infrastructuur, bodemsanering of gebiedsontwikkeling.

Belangrijkste kenmerken:

  • Project moet leiden tot minimaal 200 netto nieuwe woningen (nieuwbouw minus sloop).
  • Minstens 50% van deze woningen moet betaalbaar zijn (sociale huur, middenhuur of betaalbare koop).
  • Gemeenten moeten aantonen dat er sprake is van een onrendabele top op de publieke grondexploitatie.
  • De bijdrage van het Rijk mag maximaal 50% van dit tekort dekken.
  • De bouw van de eerste woningen moet binnen 3 jaar na toekenning starten.

Hoe dien je een aanvraag in?

De aanvraagprocedure loopt via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en is relatief technisch:

  1. Opstellen van een businesscase, inclusief begroting, taxatie en exploitatieopzet.
  2. Ingevuld aanvraagformulier + begeleidende brief van B&W.
  3. Inzicht in verwachte start bouw, verwachte opbrengsten, onderliggende kostenposten.
  4. Duidelijke onderbouwing van de publieke noodzaak en de bijdrage aan versnelling

Let op: als woningen in het project al eerder rijkssteun hebben ontvangen, bijvoorbeeld via de Realisatiestimulans, moet dit expliciet worden toegelicht. Stapeling van subsidies is slechts beperkt toegestaan.

Hoe helpt data bij een goede aanvraag?

Een sterke WBI-aanvraag steunt op harde data:

  • Inzicht in de woningbouwprogrammering (types woningen, fasering).
  • Verankerde afspraken met ontwikkelaars en woningcorporaties.
  • Gebiedsgegevens zoals BAG-verblijfsobjecten, polygonen, luchtfoto’s, ontsluitingen en grondwaardes.
  • Monitoring van voortgang richting start bouw en vergunningverlening.

Met Juno helpen we gemeenten deze informatie te ontsluiten en te structureren.

Wat is de rol van Juno?

Juno biedt gemeenten een geïntegreerd woningbouwdashboard waarmee zij niet alleen hun projecten kunnen monitoren, maar ook data kunnen aanleveren voor rijksregelingen zoals de WBI of Realisatiestimulans:

  • Woningbouwmonitor (WBM): actueel overzicht van projecten, fasering en woningtypen.
  • Koppeling met BAG-data: essentieel voor het onderbouwen van start bouw en woningtypen.
  • Verantwoording en rapportage: data eenvoudig exporteren voor bijlage of toetsing.
  • Planning & prioritering: waar zit de grootste kans op versnelling?

Bovendien helpt Juno bij het identificeren van projecten waar een onrendabele top speelt — zodat je als gemeente proactief kunt bepalen waar een WBI-aanvraag kansrijk is.

Realisatiestimulans of WBI?

De Realisatiestimulans (vanaf 2026) en de Woningbouwimpuls zijn complementair:

Tot slot

De Woningbouwimpuls is geen simpele subsidie, maar voor gemeenten met grootschalige plannen kan het nét het duwtje in de rug zijn dat nodig is. Goede data, strakke monitoring en integrale samenwerking zijn de sleutel tot een succesvolle aanvraag. Met Juno bouw je niet alleen aan woningen, maar ook aan het fundament voor toekomstbestendige woningbouwsturing.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits: Danist Soh via Unsplash

De Publiek Private Monitor (PPM) van Juno: één fundament voor versnellingstafels én gemeenten

Het versnellen van woningbouw vraagt om samenwerking. Aan regionale en lokale versnellingstafels komen gemeenten, ontwikkelaars en corporaties samen om voortgang te bewaken, knelpunten te bespreken en slimme keuzes te maken. Die samenwerking begint met gedeelde informatie. Met de nieuwe Publiek-Private Monitor (PPM) module binnen Juno maken we dat eenvoudiger, slimmer en toekomstbestendig.

Eén fundament, twee werelden

Wat de Publiek-Private Monitor (PPM) van Juno uniek maakt, is dat het gebouwd is op het bestaande datamodel van Juno. Gemeenten hoeven dus niet handmatig een nieuwe lijst met projecten aan te leveren. Alle relevante projectdata zijn al beschikbaar – actueel en betrouwbaar. Tegelijkertijd sluit de module naadloos aan op de werkwijze van versnellingstafels zoals voorgesteld in de landelijke handreiking voor Publiek-Private Monitoring.

De uitwisseling van informatie tussen beide werelden wordt zo vanzelfsprekend. Gemeenten behouden grip op hun eigen data, terwijl versnellingstafels kunnen rekenen op een gedeeld, rijk fundament voor het goede gesprek.

Gebouwd op de landelijke handreiking

De module volgt nauwgezet de structuur en indicatoren zoals opgenomen in de handleiding “Samen aan het stuur!” van RVO. Denk aan:

  • Duidelijke projectinformatie (zoals woningtype, prijssegment, jaarschijven)
  • Inzicht in mijlpalen en planningen (met datumvelden voor monitoring)
  • Registratie van knelpunten (met standaardcategorieën én ruimte voor toelichting)

De Publiek-Private Monitor helpt versnellingstafels zo niet alleen bij verantwoording, maar vooral bij sturing.

Onafhankelijk en modulair

Een belangrijk uitgangspunt is dat de Publiek-Private Monitor geen gesloten systeem is. Het is een bouwsteen binnen het bredere Juno platform. Dat betekent: geen afhankelijkheid van specifieke adviseurs, softwareleveranciers of werkvormen. De module is geschikt voor elke tafel – lokaal of regionaal – en kan zowel door gemeenten als marktpartijen worden gebruikt.

Tegelijkertijd biedt het ruimte aan goede begeleiding. Want software helpt, maar het zijn de mensen aan tafel die het verschil maken. De Publiek-Private Monitor ondersteunt dat proces, zonder het over te nemen.

Van data naar duiding

Wat Juno écht onderscheidt, is de mogelijkheid om snel inzicht te krijgen:

  • Doorlooptijden van projecten in beeld via slimme formules
  • Visuele signalering bij stagnerende mijlpalen
  • Analyse van knelpunten op basis van stoplichtsystematiek
  • Koppeling met andere data zoals woningbehoefte of voortgangsrapportages

En dat alles in één omgeving waar ook de gemeentelijke woningbouwmonitor wordt bijgehouden.

Klaar voor de toekomst

De Publiek-Private Monitor sluit aan bij de ontwikkelingen rond Basisset 2.0 – een gezamenlijke taal voor woningbouwdata. Daarmee is de module niet alleen bruikbaar in het hier en nu, maar ook toekomstvast in een landschap waar gegevensuitwisseling steeds belangrijker wordt.

Conclusie

De Publiek-Private Monitor van Juno is ontwikkeld om versnellingstafels en gemeenten écht te ondersteunen. Het is geen losstaande tool, maar een intelligente uitbreiding op bestaande werkprocessen en databronnen. Met minder handmatig werk, meer inzicht en maximale flexibiliteit. Zo wordt het goede gesprek aan tafel een stuk beter voorbereid – en de woningbouw een stap verder geholpen.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits Braden Collum via Unsplash

Koppelen met Juno: de API maakt het mogelijk

Je hoort het steeds vaker: ‘Je kunt ook via de API koppelen.’ Maar wat is een API precies – en wat kun je ermee in het kader van woningbouwmonitoring? In deze blog leggen we het uit.

Wat is een API?

API staat voor Application Programming Interface. Kort gezegd is het een set afspraken die het mogelijk maakt voor verschillende softwaretoepassingen om met elkaar te communiceren. Je kunt het vergelijken met een ober in een restaurant: jij doet je bestelling, de ober geeft het door aan de keuken, en komt vervolgens terug met je gerecht. De API is de ‘ober’ die zorgt dat jouw systeem informatie kan opvragen of aanleveren bij een ander systeem – zonder dat je precies hoeft te weten hoe die ‘keuken’ erachter werkt.

Een API is dus een soort digitale brug tussen systemen. Denk bijvoorbeeld aan een GIS-systeem dat automatisch projectdata uit Juno ophaalt, of een dashboard dat actuele woningbouwcijfers laat zien door live gegevens via de API op te vragen.

Wat doet de Juno API?

De Juno API maakt het mogelijk om koppelingen te realiseren tussen Juno en andere applicaties. Denk bijvoorbeeld aan GIS-systemen, dataplatformen of dashboards die je als gemeente of provincie al gebruikt. Daarmee wordt Juno geen losstaande omgeving, maar een integraal onderdeel van je bestaande werkproces.

De Juno API wordt geleverd inclusief technische documentatie in de vorm van een Jupyter Notebook. Deze documentatie laat precies zien:

  • hoe je de API aanroept;
  • hoe registratie, authenticatie en beveiliging werkt;
  • welke API-requests beschikbaar zijn;
  • en wat je kunt verwachten qua output.

Met deze informatie kunnen mensen met enige technische kennis zelf aan de slag om een koppeling te maken. Is er toch meer begeleiding nodig? Dan kan dat – maar dat valt buiten het standaardaanbod van de API.

Praktisch gebruik: van netcongestie tot mobiliteit

Wat de Juno API extra krachtig maakt, is dat de informatie uit Juno breder toepasbaar is dan alleen binnen de woningbouwcontext. Door Juno te koppelen aan andere systemen kun je ruimtelijke en maatschappelijke opgaven integraal analyseren.

Een goed voorbeeld is de toenemende aandacht voor netcongestie. Gemeenten willen inzicht in waar de elektriciteitsvraag zal toenemen, bijvoorbeeld door nieuwe woningbouwprojecten. Door Juno te koppelen aan een GIS-systeem waarin ook informatie over het elektriciteitsnet en de ruimtelijke context staat, ontstaat een veel completer beeld: niet alleen waar de ruimte nu beperkt is, maar ook waar de druk op het net in de toekomst zal toenemen.

Een ander relevant voorbeeld is mobiliteitsbeleid. Inzicht in de geplande woningbouw helpt om voorspellingen te doen over toekomstige verkeersstromen, benodigde ov-capaciteit of fietsinfrastructuur. Door Juno-data via de API in te laden in mobiliteitsmodellen of kaarten, kun je onderbouwde keuzes maken voor investeringen en beleid.

Kortom

De Juno API is geen technische ‘extra’, maar een strategische bouwsteen voor datagedreven werken aan complexe ruimtelijke opgaven. Of het nu gaat om woningbouw, energie, mobiliteit of iets anders: met de juiste koppelingen via de API maak je van data een krachtige motor voor beleid.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits Markus Winkler via Unsplash

De Realisatiestimulans komt eraan: waarom goede monitoring belangrijker is dan ooit

Vanaf 2026 ontvangen gemeenten een bijdrage van €7.000 per betaalbare woning die daadwerkelijk gebouwd wordt. Met de nieuwe Realisatiestimulans wil het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) een duidelijke verschuiving inzetten: van plannen maken naar woningen bouwen. Maar om in aanmerking te komen voor deze bijdrage is één ding cruciaal: een goede, betrouwbare en actuele registratie van woningbouwplannen.

Wat is de Realisatiestimulans?

De regeling is een forse financiële prikkel om het tempo in de woningbouw op te schroeven. Gemeenten krijgen de bijdrage niet voor wat op papier staat, maar voor woningen waarvan de bouw daadwerkelijk is gestart in het voorgaande kalenderjaar. Het gaat daarbij om:

  • Betaalbare koopwoningen
  • Middenhuur
  • Sociale huur

De eerste uitkering vindt plaats in najaar 2026. Hiervoor moeten gemeenten in het voorjaar van dat jaar zelf gegevens aanleveren over het aantal daadwerkelijk gestarte woningen.

Registratie is randvoorwaarde voor succes

Uit een recent overleg (“botsproef”) tussen VRO en een aantal gemeenten blijkt: veel hangt af van hoe goed gemeenten hun woningbouwplannen bijhouden. Een aantal concrete aandachtspunten:

  • Wat telt als start bouw? Aansluiting bij de BAG-definitie is wenselijk, maar vergt ook gemeentelijke betrokkenheid bij het signaleren en vastleggen.
  • Wat is betaalbaar? Betaalbaarheid moet onderbouwd kunnen worden met documenten zoals anterieure overeenkomsten of bestemmingsplannen.
  • Welk detailniveau is haalbaar? Gemeenten geven aan dat registratie op planniveau de voorkeur heeft — maar dat vereist wel intern overzicht.

Het Rijk streeft naar een regeling met lage administratieve lasten, maar dan moeten gemeenten wel tijdig en gestructureerd de juiste gegevens kunnen leveren.

Hoe Juno hierbij helpt

Juno is hét dataplatform voor woningbouwmonitoring, en biedt gemeenten precies de tools die nodig zijn voor een effectieve uitvoering van de Realisatiestimulans:

  • Projectregistratie op planniveau: Inzicht in start bouw, categorie en locatie van projecten.
  • Inzicht in betaalbaarheid: Mogelijkheid om projectgegevens te koppelen aan beleidsafspraken of prijssegmenten.
  • Data-analyse & rapportage: Automatisch inzicht in het aantal startende woningen per jaar.
  • Audittrail & controle: Alle wijzigingen worden gelogd, wat ondersteuning biedt bij verantwoording.

Door met Juno te werken, bouwen gemeenten aan een solide basis voor monitoring én kunnen zij aantonen dat ze in aanmerking komen voor de bijdrage.

Van registratie naar agendering

Goede registratie vraagt niet alleen om het juiste systeem, maar ook om aandacht, capaciteit en samenwerking binnen de organisatie. Denk aan:

  • Afstemming tussen afdelingen als vergunningverlening, planeconomie en databeheer.
  • Heldere procesafspraken over wie verantwoordelijk is voor het bijhouden van informatie.
  • Intern agenderen dat monitoring en datakwaliteit geen bijzaak meer zijn, maar een voorwaarde om geld te krijgen.

De Realisatiestimulans biedt zo niet alleen geld voor woningbouw, maar ook een kans om monitoring op de kaart te zetten.

Conclusie: wie bijhoudt, bouwt beter én ‘verdient geld’

De Realisatiestimulans beloont gemeenten die daadwerkelijk bouwen — mits ze het goed registreren. Met Juno als ondersteunend platform kunnen gemeenten hun woningbouwmonitoring professionaliseren, administratie vereenvoudigen en hun recht op middelen veiligstellen. Tijd dus om monitoring structureel op de agenda te zetten!

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits: Nikguy from Pixabay

Hoe de Basisset 2.0 helpt bij gegevensuitwisseling over de woningbouwopgave met Juno

In mei en juni 2024 is binnen het bestuurlijk overleg Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (BO VRO) de Basisset 2.0 vastgesteld. Deze uniforme set gegevensspecificaties vormt de ruggengraat van de Landelijke Monitor Voortgang Woningbouw (LMVW) – een samenwerking tussen VNG, IPO en het ministerie van VRO. Gemeenten leveren hiermee tweemaal per jaar gestandaardiseerde gegevens aan over hun woningbouwplannen, zodat sturing op voortgang mogelijk wordt op lokaal, regionaal en nationaal niveau.

Wat is er nieuw?

De Basisset 2.0 bouwt voort op de eerdere versie uit 2022, maar kent belangrijke vernieuwingen:

  • Locatiegegevens als polygonen, geschikt voor koppeling met andere ruimtelijke data
  • Actuele planstatussen, afgestemd op de Omgevingswet
  • Prijssegmentering en eigendomscategorieën, volgens woondealdefinities
  • Nieuwe indicatoren zoals tijdelijke woningen, ouderenhuisvesting, realisatiestatus en vervallen plannen

Deze wijzigingen maken landelijke vergelijking mogelijk, maar stellen ook hogere eisen aan lokale registratie, gegevensbeheer en uitwisseling.

Standaardisering met ruimte voor lokaal maatwerk

Bij Shintō Labs staan we volledig achter deze beweging naar standaardisatie. Sterker nog: we verweven de Basisset 2.0 en het Dataprotocol LMVW direct in onze productontwikkeling. Maar daar blijft het niet bij. De kracht van Juno is dat we balans brengen tussen landelijke uniformiteit en lokale flexibiliteit onder het motto:

Generiek waar het moet, maatwerk waar het kan.

Onze oplossing ondersteunt de volledige LMVW-structuur én biedt ruimte voor gemeentelijke wensen, aanvullende velden of lokale begrippen. Zo wordt Juno niet alleen een instrument voor landelijke rapportage, maar ook een krachtig stuurmiddel voor lokale woningbouwstrategieën.

Wat biedt Juno concreet?

Met Juno kunnen gemeenten en provincies onder andere:

  • Polygonen tekenen en beheren per woningbouwplan
  • Planstatussen vastleggen (harde/zachte plannen, realisatie, vervallen status)
  • Prijssegmenten en doelgroepen registreren zoals gedefinieerd in de woondeals
  • Vertrouwelijke plannen afschermen volgens het Dataprotocol LMVW
  • Gegevens exporteren voor de halfjaarlijkse uitvraag door de provincie, exact volgens de Basisset 2.0
  • Aanvullende velden beheren voor lokaal gebruik (bijv. interne processtatussen, participatie-info)

Deze aanpak maakt Juno een robuust fundament voor zowel interne beleidsmonitoring als verantwoording naar het Rijk.

Klaar voor de toekomst

De Basisset is volop in ontwikkeling. Voor het najaar van 2024 staat versie 2.1 op de planning, met uitbreiding naar onder meer:

  • Betrokken partijen per plan (ontwikkelaars, corporaties)
  • Knelpuntenregistratie
  • Plan- en uitvoeringsmijlpalen (zoals vergunningsaanvraag, start bouw)

Bij Shinto Labs volgen we deze ontwikkelingen nauwgezet. Onze roadmap is er volledig op gericht om Juno tijdig aan te passen, zodat gebruikers probleemloos kunnen blijven voldoen aan nieuwe standaarden.

Conclusie

De Basisset 2.0 markeert een belangrijke stap in de professionalisering van woningbouwmonitoring in Nederland. Bij Shinto Labs geloven we dat standaardisering én flexibiliteit hand in hand kunnen gaan. Juno biedt hiervoor de juiste balans: een systeem dat voldoet aan landelijke eisen, maar ontworpen is rond de praktijk van lokale gebruikers.

Meer informatie?

Meer weten over Juno of benieuwd wat het voor jouw provincie, gemeente of regio kan betekenen? Neem contact met ons op!

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits: Etienne Girardet via Unsplash

De gemeenteraad informeren over de woningbouwopgave met Juno

De woningbouwopgave is één van de grootste uitdagingen waar Nederlandse gemeenten voor staan. Tegelijkertijd is het een onderwerp dat veel politieke en maatschappelijke aandacht krijgt. De gemeenteraad, het college, ambtenaren, ontwikkelaars, woningcorporaties en inwoners willen weten: Hoe staat het ervoor met de woningbouwopgave? Waar staan we ten opzichte van onze ambities? En wat gebeurt er in mijn wijk?

Om aan deze informatiebehoefte tegemoet te komen, hebben we binnen Juno — onze software voor woningbouwprogrammering — een nieuwe module ontwikkeld: de Publieke Juno. Deze module is speciaal ontworpen om complexe woningbouwdata op een toegankelijke manier te visualiseren en delen, zodat onder andere de gemeenteraad op elk moment beschikt over actuele, betrouwbare informatie.

Van interne registratie naar publieke transparantie

Veel gemeenten hebben intern al een goed beeld van hun woningbouwprojecten. Maar het delen van die informatie met raadsleden, inwoners en ketenpartners is vaak omslachtig. Er zijn losse Excel-sheets, projectoverzichten in Word, kwartaalrapportages en ad-hoc antwoorden op raadsvragen. Dat kost tijd, leidt tot fouten en mist consistentie.

Met de Publieke Juno slaan we een brug tussen interne programmasturing en externe communicatie. Alles wat in Juno wordt geregistreerd — van planstatus tot aantallen sociale huurwoningen — wordt vertaald naar een publieksvriendelijk dashboard dat via een open website kan worden ontsloten.

Een mooi voorbeeld hiervan is woningbouwkaart.eindhoven.nl: een online kaart waarop iedereen de voortgang van de Eindhovense woningbouwambities kan volgen. De informatie komt rechtstreeks uit Juno en wordt automatisch bijgewerkt. Raadsleden gebruiken het tijdens commissievergaderingen, inwoners bekijken wat er in hun buurt speelt, en ambtenaren verwijzen ernaar in hun communicatie.

Wat biedt de Publieke Juno?

De monitor bestaat uit drie onderdelen:

  1. Een interactieve kaart met woningbouwprojecten
    Hierop zijn alle projecten binnen de gemeente zichtbaar. Filters maken het mogelijk om te zoeken op planstatus (bijv. planvorming, vergunning verleend, in aanbouw), type project (nieuwbouw, transformatie), woningtype (huur/koop, sociaal/middelduur/duur) en locatie. Door op een project te klikken verschijnt detailinformatie, zoals het aantal woningen, de planning en een korte toelichting.
  2. Een dashboard met kerncijfers
    Boven de kaart tonen we de voortgang op hoofdlijnen: hoeveel woningen zijn er gebouwd? Hoeveel zitten er in de pijplijn? Hoeveel procent van de ambitie is gerealiseerd? Deze cijfers zijn helder gepresenteerd in grafieken en diagrammen, zodat ze in één oogopslag inzicht geven in trends en knelpunten.
  3. Een downloadbare tabel met alle relevante gegevens
    Voor gebruikers die meer detail willen, is er een overzichtelijke tabel met alle projecten en bijbehorende data. Deze tabel is doorzoekbaar, sorteerbaar en te exporteren naar Excel of PDF. Dit is met name handig voor raadsleden die de cijfers willen meenemen in hun stukken of voor journalisten en betrokken burgers die diepgaand willen analyseren.

Waarom deze monitor?

De aanleiding voor deze ontwikkeling is helder: woningbouw is politiek. Gemeenteraden worden regelmatig geconfronteerd met vragen over het tempo van woningbouw, de verdeling over doelgroepen of de situatie in specifieke wijken. Tegelijkertijd willen gemeenten ook proactief laten zien wat er gebeurt — en waar het nog schuurt.

De Publieke Juno ondersteunt dit op drie manieren:

  • Objectieve informatievoorziening: de monitor is gebaseerd op de actuele data uit Juno, wat zorgt voor een consistent en betrouwbaar verhaal. Geen discussies meer over welke cijfers kloppen — het staat er, voor iedereen zichtbaar.
  • Tijdswinst: ambtenaren hoeven niet telkens rapportages op maat te maken of gegevens te verzamelen bij verschillende afdelingen. Alles komt uit één bron.
  • Verbinding met inwoners: door inzicht te geven in de plannen en voortgang, ontstaat meer draagvlak voor woningbouwinitiatieven. Inwoners zien dat er gewerkt wordt aan oplossingen.

Gebouwd met en voor gemeenten

De ontwikkeling van de Publieke Juno is geen losstaand project, maar het resultaat van samenwerking met vooruitstrevende gemeenten. We hebben geluisterd naar hun wensen, getest met prototypen, en op basis van feedback doorontwikkeld. Daarbij stonden twee principes centraal:

  1. Eenvoud in gebruik: het dashboard moet intuïtief zijn. Ook wie niet dagelijks met woningbouwdata werkt, moet snel kunnen vinden wat hij of zij zoekt.
  2. Beheer met minimale inspanning: de kracht van Juno zit in de koppeling tussen registratie en publicatie. Alles wat in Juno wordt bijgehouden, wordt automatisch verwerkt in de monitor. Geen dubbel werk, geen extra handelingen.

Privacy en veiligheid

Uiteraard is er aandacht voor privacy en veiligheid. De Publieke Juno toont alleen geaggregeerde gegevens of informatie die expliciet voor publicatie bedoeld is. Detailinformatie zoals betrokken partijen, interne notities of onderhandelingen blijft binnen de besloten omgeving van Juno.

De toekomst: richting regionale dashboards

Hoewel de focus nu ligt op gemeentelijke toepassingen, zien we ook kansen voor regionale samenwerking. Denk aan woningbouwafspraken tussen gemeenten in een regio of provincie. Door de publieke monitors aan elkaar te koppelen, ontstaat er een integraal beeld van de voortgang op regionaal niveau — met dezelfde transparantie en betrouwbaarheid.

Interesse? We laten het graag zien

De Publieke Juno is inmiddels in gebruik bij meerdere gemeenten en wordt actief doorontwikkeld. We laten je graag zien hoe het werkt, welke inzichten het oplevert, en hoe eenvoudig het is om zelf aan de slag te gaan. Neem contact met ons op voor een demo of bekijk de woningbouwkaart van Eindhoven als voorbeeld.

Whitepaper

Webinar

 

Blogs

Foto credits Bernd 📷 Dittrich op Unsplash

Monitoring ouderenhuisvesting: van inzicht naar impact

Eindhoven, februari 2025 – Op 1 januari 2024 telde Nederland 3,7 miljoen inwoners van 65 jaar of ouder, wat ruim 20% van de totale bevolking vertegenwoordigt. Dit aandeel zal blijven stijgen in de komende decennia. Naast een steeds groter aandeel ouderen blijven ze ook steeds langer zelfstandig thuis wonen, wat de vraag naar geschikte woningen vergroot. Het bevorderen van de doorstroming van ouderen wordt vaak genoemd als een belangrijke factor om de vastgelopen woningmarkt weer in beweging te krijgen. Maar doorstroming ontstaat niet vanzelf. Een van de belangrijkste randvoorwaarden is een aantrekkelijk woonproduct voor ouderen.

De juiste woning, voor de juiste oudere, op de juiste plek

In Nederland staan we voor een grote opgave om voldoende passende ouderenwoningen te realiseren. In de Woondeals zijn drie categorieën benoemd en vastgelegd: nultredenwoningen, geclusterde woonvormen voor ouderen en zorggeschikte woningen. Samen vormen ze bijna één derde van de nieuwbouwopgave. De komende tijd zullen provincie, regio’s en gemeenten aan de slag moeten om deze opgave om te zetten in plancapaciteit en realisaties. Ze worden daarbij onder andere ondersteund door het Aanjaagteam Wonen Welzijn Zorg voor Ouderen.

Van plannen naar praktijk

Monitoring helpt inzicht te krijgen in de planvoorraad (welke projecten staan er op de planning?) en de realisatie (welke woningen zijn daadwerkelijk gebouwd?). Dit inzicht is cruciaal voor gemeenten, zorgorganisaties en woningcorporaties om effectief te kunnen sturen en extra inspanningen te leveren waar nodig. Monitoring geeft ook inzicht over in welke buurten en wijken seniorenwoningen zijn gepland, of waar deze misschien nog ontbreken. Het koppelen van de planmonitor aan andere (ruimtelijke) informatiebronnen levert veel waardevolle sturingsinformatie op voor professionals die zich bezig houden met de ruimtelijke vertaling van de opgave voor ouderenhuisvesting.

Verantwoording en toekomst

Monitoring is belangrijk voor sturing en verantwoording naar de provincie en het Rijk. Denk daarbij aan de Woondeals. Monitoringsdata kan bijvoorbeeld ook gebruikt worden als onderbouwing voor de toekomstige realisatiestimulans nieuwbouw, zoals die op dit moment door het Rijk wordt uitgewerkt. Zonder goed inzicht in planning en voortgang wordt het lastig om aan te tonen dat middelen effectief worden ingezet.

Geen straf, maar een kans

Monitoring moet gezien worden als een investering in de toekomst. Met goed inzicht in cijfers en voortgang kunnen we bouwen aan een land waar ouderen veilig en comfortabel kunnen wonen. Shintō Labs levert met Juno een monitoringstool waarmee je ook de ouderenhuisvesting kan monitoren, wat zorgt voor een efficiënte aanpak zonder onnodige rompslomp.

Conclusie

Het is belangrijk om niet alleen ambities te formuleren voor ouderenhuisvesting, maar deze ook waar te maken. Dit zal bijdragen aan een betere woonomgeving voor ouderen in heel Nederland. Wil je meer weten over de mogelijkheden van Juno neem dan contact met ons op!

Zie ook

Webinar

Whitepapers

Blogs

Foto credits Matt Bennett op Unsplash

Hoe we de positie van het lokaal bestuur in het veiligheidsbestel kunnen versterken

In oktober 2024 publiceerde de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een diepgaand rapport over de positie van het lokaal bestuur in het Nederlandse veiligheidsbeleid. Dit rapport, getiteld ‘Positie van het lokaal bestuur in veiligheidsbeleid en -bestel,’ biedt een uitgebreide analyse van de uitdagingen en kansen voor lokale overheden in een snel veranderend veiligheidslandschap. In deze blog bespreken we de belangrijkste bevindingen van het rapport maar ook hoe gemeenten hierop in kunnen spelen.

De belangrijkste bevindingen

Het VNG-rapport benadrukt de cruciale rol van het lokaal bestuur in het veiligheidsbeleid, maar wijst ook op de aanzienlijke druk waaronder deze overheden staan. Hier zijn enkele kernpunten:

Historische ontwikkeling:

Het lokaal bestuur is sinds de jaren ’60 uitgegroeid tot een centrale speler in het veiligheidsbestel, mede door de ontwikkeling van het integraal veiligheidsbeleid in de jaren ’80 en ’90.

De Grote Verbouwing (2010-2015):

Deze periode kenmerkte zich door schaalvergroting en centralisatie, zoals de vorming van de Nationale Politie en de Wet op de Veiligheidsregio’s. Dit leidde tot een vermindering van de checks and balances in het veiligheidsbestel.

Veranderend veiligheidslandschap:

Nieuwe uitdagingen zoals terrorisme, radicalisering, cybercrime en georganiseerde criminaliteit hebben de veiligheidsopgaven complexer en minder lokaal geworteld gemaakt.

Huidige knelpunten:

  • De capaciteit en capabilities van alle actoren in het veiligheidsbestel staan onder druk.
  • Er is een trend naar meer repressieve maatregelen ten koste van preventieve aanpakken.
  • De politisering van de veiligheidszorg beïnvloedt de kwaliteit van het beleid en de uitvoering.
  • De focus ligt te veel op stedelijke gebieden, waardoor kleinere gemeenten in de knel komen.

Aanbevelingen:

  • Er is behoefte aan een fundamentele herijking van het veiligheidsbestel als geheel.
  • Versterking van de regiefunctie van het lokaal bestuur, met aandacht voor maatwerk en lokale context.
  • Meer nadruk op preventieve maatregelen en samenwerking tussen verschillende actoren.

Hoe we hierop in kunnen spelen

Shintō Labs speelt in op de uitdagingen die in het VNG-rapport worden geschetst door innovatieve datagedreven oplossingen te ontwikkelen voor gemeenten. Een van hun meest prominente producten is Apollo, een platform dat specifiek is ontworpen om ondermijnende criminaliteit en andere veiligheidsvraagstukken aan te pakken.

Apollo is een data- en analyseplatform dat beleidsadviseurs en programmamanagers openbare orde & veiligheid (OOV) van gemeenten ondersteunt bij het centraal beheren en analyseren van signalen van ondermijning. Het platform biedt verschillende modules, zoals netwerkanalyse, interventieplanning en dossierbeheer, die gebruikers in staat stellen om een gedetailleerd beeld te krijgen van wat er speelt op een bepaalde locatie.

Apollo kan op de volgende manier inspelen op de bevindingen uit het rapport;

Versterking van de regiefunctie

Apollo helpt lokale overheden om hun regiefunctie te versterken door hen te voorzien van de tools en inzichten die nodig zijn om effectief beleid te ontwikkelen en uit te voeren. Denk hierbij aan samenwerking aan dossiers of signalen met interne of externe partners.

Maatwerk en lokale context:

Het platform biedt oplossingen die zijn afgestemd op de specifieke behoeften en context van elke gemeente, waardoor lokale overheden beter in staat zijn om in te spelen op de unieke veiligheidsuitdagingen in hun gebied. Denk hierbij o.a. aan het concept van lenzen waarmee lokale fenomenen inzichtelijk worden gemaakt.

Preventieve Maatregelen:

Door gebruik te maken van geavanceerde data-analyse stelt Apollo gemeenten in staat om proactief te handelen en preventieve maatregelen te nemen voordat problemen escaleren. Apollo biedt inzicht in verschillende vormen van ondermijning en hoe deze zich ontwikkelen in de tijd.

Samenwerking tussen Actoren:

Apollo faciliteert samenwerking tussen verschillende actoren in het veiligheidsbestel door informatie-uitwisseling en gezamenlijke analyse mogelijk te maken, wat bijdraagt aan een geïntegreerde aanpak van veiligheidsvraagstukken.

Conclusie

Het VNG-rapport onderstreept de noodzaak van een fundamentele herijking van het veiligheidsbestel en de versterking van de rol van het lokaal bestuur. Innovatieve oplossingen zoals Apollo van Shintō Labs bieden de tools en inzichten die nodig zijn om deze uitdagingen aan te gaan. Door gebruik te maken van geavanceerde technologieën en data-analyse, kunnen lokale overheden effectiever en efficiënter opereren, wat uiteindelijk bijdraagt aan een veiliger en veerkrachtiger samenleving.

Relevante links

Whitepapers

Nieuws

Blogs

Webinars

Praktijkcases

Productinformatie

Research

Foto credits: Joran Quinten via Unsplash

Doorontwikkeling processen in Apollo

Bij Shintō Labs geloven we in een datagedreven veiligheidsaanpak die is gebaseerd op drie belangrijke pijlers: procesondersteuning, samenwerking en data & AI. Deze filosofie vormt de kern van ons Apollo-platform en ondersteunt beleidsmedewerkers in het domein van openbare orde en veiligheid bij het effectief en efficiënt opereren in een steeds complexer wordende omgeving. Meer over deze filosofie kun je lezen in ons eerder geschreven blog.

In deze update richten we ons op een van deze belangrijke pijlers: procesondersteuning. Momenteel werken we aan verschillende nieuwe processen die onze gebruikers nog beter in staat stellen om signalen en maatregelen gestructureerd en efficiënt af te handelen. Deze processen zijn ontworpen om een solide aanpak te waarborgen binnen het domein van openbare orde en veiligheid.

De nieuwe processen omvatten:

  1. Verrijken van signalen en verbinden van partijen: Het verzamelen en analyseren van signalen van ondermijning en het samenwerken met verschillende partijen voor een gecoördineerde aanpak.
  2. Uitvoering van bestuurlijke maatregelen: Het nemen van noodzakelijke stappen om de openbare orde te handhaven, zoals het sluiten van panden of het opleggen van boetes.
  3. Bibob-onderzoek uitvoeren: Het voorkomen van criminaliteit door de achtergrond van bedrijven en personen te controleren voordat vergunningen worden verleend.
  4. Uitvoering van de Wet vrijwillig gesloten plaatsing: Het vrijwillig plaatsen van personen in een gesloten instelling voor zorg en behandeling.
  5. Rampenbestrijding en crisisbeheersing: Voorbereiding en uitvoering van maatregelen om rampen en crises effectief te beheersen.
  6. Tijdelijk huisverbod opleggen: Het opleggen van een tijdelijk verbod aan een persoon om een woning te betreden, vaak in gevallen van huiselijk geweld.
  7. Werkproces InterventieTeam uitvoeren: Gerichte interventies om criminaliteit en overlast te bestrijden.
  8. Uitvoering van de WvGGZ: Het bieden van verplichte zorg aan mensen met psychische aandoeningen volgens de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.

Deze nieuwe processen bieden onze gebruikers de tools en ondersteuning die ze nodig hebben om snel en doeltreffend te reageren op signalen van ondermijning en andere veiligheidskwesties. Door checklists en gestructureerde workflows te integreren, verbeteren we de efficiëntie en effectiviteit van onze aanpak.

Deze ontwikkelingen sluiten naadloos aan bij onze bredere aanpak, het Open Development Programma. Dit programma richt zich op samenwerking en innovatie om een veiliger en beter georganiseerde toekomst te realiseren. Meer informatie over het Open Development Programma vind je hier.

Blijf op de hoogte van onze voortgang en verdere updates via onze website of schrijf je in voor onze nieuwsbrief. Wil je meer weten over Apollo of zelfs een keer een demonstratie? Check dan de productpagina over Apollo.

Relevante links

Whitepapers

Nieuws

Blogs

Webinars

Praktijkcases

Productinformatie

Research

Foto credits: NEW DATA SERVICES via Unsplash

Juno: informatieknooppunt voor publiek-private samenwerking

De druk op de woningmarkt in Nederland vereist innovatieve oplossingen en nauwe samenwerking tussen publieke en private partijen. In dit complexe speelveld spelen zowel de woondeals als de versnellingstafels een cruciale rol. De woondeals richten zich op samenwerking tussen verschillende overheidsniveaus—van het Rijk tot regionale en lokale overheden—om gezamenlijk de woningbouwopgave aan te pakken. De versnellingstafels, daarentegen, zijn gericht op publiek-private samenwerking, waarbij overheden, woningcorporaties en projectontwikkelaars samenkomen om de woningbouw te versnellen. In beide gevallen kan Juno (voorheen Woningbouw Monitor), het datagedreven platform van Shintō Labs, een inhoudelijke  en procesmatige bijdrage leveren.

Juno en de Woondeals

Woondeals zijn afspraken tussen het Rijk, provincies, regio’s en gemeenten om de woningbouwopgave gezamenlijk aan te pakken. Deze afspraken zijn van groot belang voor het bereiken van de landelijke woningbouwdoelen, waarbij wordt gestreefd naar een evenwichtige verdeling van woningen over de verschillende regio’s. De informatievoorziening binnen deze woondeals is voornamelijk gericht op verantwoording: inzicht geven in de voortgang, resultaten en knelpunten. Juno biedt beleidsmedewerkers de tools die nodig zijn om deze verantwoording op een gestructureerde en overzichtelijke manier te organiseren.

Met v kunnen beleidsmedewerkers eenvoudig data verzamelen, beheren en analyseren die essentieel zijn voor het monitoren van de voortgang van woningbouwprojecten. Het platform biedt inzicht in de plancapaciteit, woningvoorraad en sociaal-demografische gegevens per wijk of buurt, waardoor gemeenten kunnen rapporteren aan provinciale en landelijke overheden. Bovendien maakt Juno het mogelijk om periodieke rapportages te genereren die voldoen aan de eisen van de woondeals, wat zorgt voor transparantie en verantwoording op elk niveau van de samenwerking.

Juno en versnellingstafels

De versnellingstafels richten zich op publiek-private samenwerking om de woningbouw te versnellen. Hierbij komen verschillende partijen, zoals projectontwikkelaars, woningcorporaties en overheden, samen om afspraken te maken over specifieke woningbouwprojecten. De focus ligt hier niet zozeer op verantwoording, maar op sturing: hoe kunnen projecten zo efficiënt en effectief mogelijk worden gerealiseerd?

Juno speelt een cruciale rol in dit proces door data te bieden die nodig is voor een gerichte sturing. Het platform stelt de deelnemers (o.a. voorzitters en secretarissen) van de versnellingstafel in staat om snel inzicht te krijgen in de voortgang van projecten, eventuele knelpunten te identificeren en direct bij te sturen waar nodig. Door het gebruik van geavanceerde analysetools binnen Juno, zoals de woningvoorraadmodule en de plancapaciteitsanalyses, kunnen betrokken partijen een compleet en actueel beeld krijgen van de situatie ter plaatse. Dit helpt bij het maken van weloverwogen beslissingen die bijdragen aan een snellere realisatie van de woningbouwdoelen.

Een belangrijk aspect van de versnellingstafels is de samenwerking tussen de markt en de overheid. Juno ondersteunt deze samenwerking door alle relevante gegevens centraal beschikbaar te stellen, waardoor projectontwikkelaars, woningcorporaties en overheden beter kunnen samenwerken. Door dezelfde data te gebruiken, kunnen deze partijen gezamenlijk werken aan het oplossen van knelpunten en het optimaliseren van de woningbouwprocessen.

Het belang van data-integratie en samenwerking

Zowel de woondeals als de versnellingstafels zijn afhankelijk van een goede informatievoorziening. De kracht van Juno ligt in de integratie van verschillende databronnen, zoals de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en CBS-data, waarmee een breed scala aan informatie wordt ontsloten. Deze gegevens kunnen eenvoudig worden gefilterd op basis van buurt, wijk of een eigen geografische selectie, wat het mogelijk maakt om de woningbouwopgave op een gedetailleerd niveau te monitoren en bij te sturen.

Door de integratie van data binnen Juno kunnen gebruikers niet alleen de voortgang van woningbouwprojecten bewaken, maar ook beter anticiperen op toekomstige behoeften. Dit maakt het mogelijk om de samenwerking tussen publieke en private partijen te optimaliseren en ervoor te zorgen dat de woningbouwplannen daadwerkelijk bijdragen aan het oplossen van de woningnood.

Conclusie

Juno is een onmisbare tool voor gemeenten die betrokken zijn bij de woondeals en de versnellingstafels. Het platform biedt de data en inzichten die nodig zijn om zowel verantwoording af te leggen als effectief te sturen op woningbouwprojecten. Door het faciliteren van samenwerking en het centraliseren van informatie, helpt Juno gemeenten, provincies en private partijen om gezamenlijk de uitdagingen op de woningmarkt aan te pakken en de woningbouwdoelen te realiseren.

Meer weten?

Wil je meer weten over de Juno? Benieuwd of deze ook voor jouw gemeente of regio gerealiseerd kan worden? Stuur ons dan een bericht!

Zie ook

Webinar

Whitepapers

Blogs

Foto credits: Marc Sendra Martorell via Unsplash