32 Design Sprint Tips na 2 jaar ervaring in de praktijk

Het vorige jaar hebben we meerdere prachtige Design Sprints mogen doen zoals bij de gemeente Eindhoven (Leefbaarheid en Veiligheid in de wijk), de gemeente ‘s-Hertogenbosch, kennisorganisatie Vijfsterren Logistiek (Smart Logistics) en landelijke overheden zoals de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Nationale Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA). Daarnaast hebben we ook onderzocht hoe we AI en Machine Learning konden toepassen bij een zaaksysteem onder de noemer Djumalytics.

Steeds vaker krijgen wij de vraag hoe organisaties zelf een Design Sprint kunnen uitvoeren. Met die gedachte zijn we gestart met de Shintō Labs Academy om kennis overdracht te organiseren. Daarnaast deel ik ook graag mijn ervaringen voor potentiële Sprint Masters ter lering en vermaak, voor organisaties die interesse hebben in het Design Sprint Proces en een kijkje onder de motorkap willen. Zie het als mijn check list voordat ik aan een nieuwe Design Sprint begin. In een volgend stuk zal ik het Data Science stuk meer uitdiepen in samenwerking met mijn collega Eric van Esch.


1. Always Be Capturing: leg alles vast

Een basisprincipe dat mij vaak heeft geholpen: alles vastleggen dat besproken wordt. Niet letterlijk ieder woord, maar alle relevante opmerkingen, conclusies, aandachtspunten, noem maar op. Bij aanvang van de Design Sprint is zelden bekend wat de relevante vraagstukken zijn. Een ogenschijnlijk onbenullige opmerking blijkt op dag 2 ineens zeer relevant te zijn.  Door het systematisch en structureel vast te leggen kan je altijd terug grijpen naar wat er eerder besproken is. Vaak helpt het alleen al voor het ontleden van specifieke begrippen zoals ‘Woonoverlast’ of ‘Ondermijning’.

Woonoverlast (Design Sprint in Eindhoven)

2. Volg het proces

Het Design Sprint proces zit goed in elkaar en dat geeft houvast. In het begin las ik voor aanvang van de dag nog even mijn aantekeningen door, maar inmiddels heb ik leren vertrouwen op het proces en weet ik dat zolang ik mij aan het proces hou, het resultaat er gaat komen. Uiteraard is er enige flexibiliteit in het te volgen tijdschema, maar qua processtappen vormt dit onze basis voor succes.

Shintō Labs Design Sprint proces

3. Zorg voor de juiste middelen

Het klinkt haast te eenvoudig voor woorden, maar is het meer dan de moeite waard om te investeren in de juiste middelen. Vooral voor het maken van de Solution Sketches adviseer ik de ‘bredere’ Post-its, 76x127mm. Daarvan passen er perfect drie op één A-4 vel papier; zijn groot genoeg om schetsen op te maken zien er representatief uit bij het uithangen (art-gallery). Zorg ook voor ‘powerdots’ van het ideale formaat: 12mm voor ‘heat maps’ en een tandje groter voor het stemwerk. Supertip: kijk goed naar het formaat als je iets op internet besteld: ik zit nu nog met een grote hoeveelheid microstickertjes…

Shintō Labs Moderator Koffer

4. In de meeste gevallen geldt dat als het prototype niet voldeed, de challenge onvoldoende helder was

The Big Challenge. Het klinkt zo mooi. Maar vaak genoeg komen wij bij organisaties die graag willen sprinten met daarbij de opmerking dat het onderwerp eigenlijk niet zoveel uit maakt. Hoewel het Shintō Labs Design Sprint proces zich leent voor het toepassen op vele onderwerpen is onze ervaring dat als de Design Sprint niet wordt toegepast op een echte Challenge (het liefst waar iemand buikpijn van heeft of ’s nachts ervan wakker ligt), de ervaring achteraf tweeledig is: het proces zélf word als zeer positief ervaren (gemiddeld soms met een ‘9’ beoordeeld), maar het resultaat uitgedrukt in ‘waarde van het protoptype’ zeer beperkt. Als we doorvragen blijkt vaak dat er ook niet echt een probleem was, maar dat men vooral wilde leren van het Shintō Labs Design Sprint proces. Dan zou je kunnen concluderen dat het traject dus succesvol was, maar ik beschouw het zelf eerlijk gezegd als onvoldoende als er geen basis ligt voor een vervolg. Kortom: zorg dat je van tevoren de Big Challenge goed helder hebt.

Voorbeeld van een heldere Big Challenge

5. Een goede challenge heeft een verticale en horizontale as

Eén van de methodes die wij hanteren om de Big Challenge te definiëren is onze Challenge Fix. Hierin gaan we met de organisatie volgens een vaste aanpak werken aan een definitie van de challenge. Daarbij hanteren we twee dimensies:

  • Verticaal: is het probleem te herleiden naar een hoger doel (het ‘waarom‘, de maatschappelijke waarde) en is het tegelijkertijd te operationaliseren naar één of meerdere hypotheses en mogelijke databronnen (het ‘hoe‘).
  • Horizontaal: welke waarde of Output (het ‘wat‘) gaat het bovendien opleveren voor welke actor/gebruiker (‘wie‘).

Feitelijk beantwoorden we hiermee de wie, wat, waarom en hoe in een samenhangend geheel. In de praktijk lijkt de horizontale as het lastigst te definiëren.

Challenge Fix: horizontaal en verticaal bij de Milieu Navigator

6. Hanteer de ‘No devices’-regel

De Design Sprint – eigenlijk net als iedere belangrijke meeting – wordt vele malen effectiever als iedereen de devices weglegt. Ik hoorde van iemand over een ‘vakantiedoos’ om de devices een paar dagen ‘vakantie te geven’. Persoonlijk ben ik niet zo van dat soort constructen, maar ik vind het wel een teken van respect naar elkaar en naar de opdrachtgever om dit proces met volle aandacht te doorlopen. De enige uitzondering hierop is de Data Scientist: alles wat hij kan doen vóór dag 4 is pure winst en zal een positieve uitwerking hebben op het prototype en het uiteindelijke resultaat.

7. Voor aanvang: vraag commitment van het team

Veel deelnemers zijn zich onvoldoende bewust van wat het is – zo’n Design Sprint. Feitelijk krijgen ze een unieke kans om iets compleet nieuws te ontwerpen, ontwikkelen en toetsen voor een als het goed is voor hun bekend en groot probleem (zie punt 4: ‘Big Challenge’). In alle eerlijkheid heb ik nog niet meegemaakt dat iemand niet enthousiast was – achteraf. Het probleem is echter dat velen aan tafel zitten omdat ze ‘moeten’ en ze gevraagd zijn om op maandag ochtend om 09:00 in lokaal te zijn maar geen idee hebben waarom. Dan helpt het om ze zowel uit te leggen wat het is wat we gaan doen, maar ook ze expliciet commitment te vragen dat ze alles in het werk gaan zetten om er een succes van te maken. Een simpele vraag met een simpel knikje als antwoord volstaat. Daarmee geven ze zichzelf over aan het proces en gaan ze in de succes stand.

8. Wees bewust van dat niet iedereen hetzelfde probleem ziet

Dat klinkt haast als een open deur. Ik had het ook kunnen formuleren: dat niet iedereen het probleem hetzelfde ziet. Een kleine nuance, maar beide statements zijn waar. Waar ik op doel is dat iedereen vanuit zijn of haar perspectief aan tafel zit en er verschillend naar kijkt. Dat is een ‘double edged sword’ zoals ze dat zo mooi zeggen: dat haalt het uiterste van zo’n multi-disciplinair team naar boven, maar zorgt ook voor onduidelijkheid, ruis, soms tegenstrijdige argumenten en belangen (lang leve de beslisser!).

9. Leg het proces van de Design Sprint goed uit

Dit is iets waar ik zelf zelden in slaag: het uitleggen van wat de Design Sprint proces precies is. Ik heb m’n slide deck en m’n verhaal en voor aanvang krijg ik de juiste boodschap, het beoogde resultaat, de weg er naartoe en ook de juiste vibe wel overgedragen. Het blijkt echter vele malen moeilijker te zijn om aan de deelnemers van de Design Sprint uit te leggen wat het is dat zij mogen en gaan doen. Na afloop is werkelijk iedereen enthousiast en krijg ik vaak te horen dat ze het mooi hadden gevonden als ze van tevoren wisten dat ze dit gingen doen…  tja, tips zijn welkom…

10. Manage verwachting over het ‘gevalideerd prototype’

Het prototype is sterk afhankelijk van de kwaliteit van de data en van externe validatie. Het prototype is m.a.w. nog niet informatief zonder externe validatie van de inspecteurs” – aldus een van de opmerkingen die wij als feedback krijgen tijdens de evaluatie. Al gedurende het proces werd duidelijk dat er verwarring was over wat een ‘gevalideerd prototype’ precies betekende. Nu is de uitkomst van het prototype ook lastig van vooraf te voorspellen, neemt niet weg dat er wel duidelijkheid moet ontstaan over wat het prototype precies is. In ons geval ontwikkelt de Data Scientist vaak het (data)model, maakt keuzes in de algoritmes en ontwikkelt het datagedreven prototype – waar mogelijk in samenwerking met de data scientists van de organisatie. Feit blijft wel dat je maar één dag de tijd hebt om het prototype te ontwikkelen en dat zal nooit alle antwoorden geven, maar wel de basis vormen om de belangrijkste sprintvragen te kunnen beantwoorden.

11. Vraag ‘toestemming’ aan het begin

Als Sprint Master is het bij de introductie van de Design Sprint op dag 1 absoluut aan te raden om ‘toestemming’ te vragen. Een klein gebaar en vraagt weinig inspanning, maar door expliciet akkoord te krijgen van alle deelnemers accepteren ze later in het proces dat je op sommige momenten zaken ‘parkeert’, met zachte hand vooruithelpt of rücksichtslos een handrem-bochtje neemt om het proces bij te sturen. Simpel, maar zeer effectief.

12. Zorg voor lichte versnaperingen en voldoende koffiebreaks

Behoeft weinig toelichting. Maar voor deelnemers van de Design Sprint is het hard werken. Zorg voor wat lichte versnaperingen en voldoende koffiebreaks om bij te tanken en sommige onderwerpen even te laten bezinken. Bovendien merken wij dat veel deelnemers aan een Design Sprint zelden met elkaar samenwerken in het dagelijks leven. Kortom: alleen al het samen koffiedrinken is een verbindende factor en een waardevol resultaat van de Design Sprint.

13. Skip de Crazy 8’s. Niemand wordt daar gelukkig van.

De originele Design Sprint methode van Google Ventures heeft een tekenoefening genaamd de ‘Crazy 8’. Hierin moeten de deelnemers in hele korte tijd onder hoge druk creatieve alternatieven verzinnen op een zelf gekozen ontwerp. Op het moment dat die oefening voorgeschreven wordt (typisch dag 2, na de lunch) is de creativiteit al bijna op en daarna moet eigenlijk nog de belangrijkste schets gemaakt worden: de Solution Sketch. Onze tip: schrap de Crazy 8’s. Wij noemen het niet eens meer. Sorry Melvin, Jan-Willem, jullie moesten deze oefening nog wel doen…

Crazy 8’s: uit de Milieu Navigator

14. Het ideale Design Sprint Team

Het ideale Design Sprint Team is een multi-disciplinair team van circa 5 tot 7 personen.

  • 1 Beslisser: hakt knopen door, heeft groot belang bij goede oplossing
  • 1 à 2 Domein Experts: leveren inhoudelijk expertise
  • 1 Functioneel beheer: kennis van en vertaling naar bestaande systemen
  • 1 à 2 Databeheer / -scientist: kennis (en leveren!) van beschikbare data
  • 1 à 2 Eindgebruikers/mensen in het veld: deze moeten met het prototype uiteindelijk werken en moeten hun stempel drukken op het ontwerp om de acceptatie zo makkelijk mogelijk te maken.

In essentie draait het dus om een team uit lijnorganisatie die zelf het prototype gaan ontwerpen. Daar zit deels de kracht van de Design Sprint.

15. Zorg voor een goede beslisser

Bij de Design Sprint is er een belangrijke rol in het ontwerpteam: de Beslisser. Vaak is dit iemand uit de lijnorganisatie en verantwoordelijk voor het gekozen onderwerp. Bij voorkeur iemand die de pijn ‘voelt’ en er wakker van ligt en bovendien iemand die het mandaat heeft om vervolgens door te pakken als er wat moois uit de Design Sprint komt. Ik ken voorbeelden van prachtige resultaten, maar waar het management uiteindelijk anders besloot.

16. Onderscheid tussen hoofd- en bijzaken niet altijd evident

Het onderscheid tussen hoofd- en bijzaken is niet altijd evident bij het begin van een Design Sprint (handig gebruik maken van tip #1: Always Be Capturing): gedurende het proces komen soms onderwerpen naar voren die niet te ‘parkeren’ zijn (tip #24). Dan is het raadzaam om het onderwerp te verkennen in een afgebakende tijdseenheid (bijvoorbeeld een half uurtje). Als het te herleiden is naar de Long Term Goal en de Sprint Vragen dan zou het zomaar eens een belangrijk onderwerp kunnen zijn terwijl het eerder als een bijzaak leek. Het onderstaande voorbeeld kwam naar voren in de Design Sprint op het onderwerp van Illegaal Kamerverhuur, waaruit bleek dat de Status van een Pand een cruciaal onderwerp bleek te zijn waar alle businesslogica voor de Data Scientist aan opgehangen kon worden.

Status van een pand: uit Design Sprint Illegaal Kamerverhuur

17. De schetsen hoeven geen kunstwerken te zijn

Op dag 2 is er het onderdeel waarbij de Solution Sketches gemaakt moeten worden: een soort mini storyboard bestaande uit 3 stickers met daarin een stukje van de oplossing voor het vraagstuk. Veel deelnemers vinden dit een lastig onderdeel en zien ertegenop om met pen en papier aan de slag te gaan. Een groot deel komt dit omdat er kennelijk een verwachting is dat er een prachtig kunstwerk uit moet komen. Dit is allerminst het geval. Het doel van dit onderdeel is het verzamelen van ideeën en iedereen de kans te geven dat tot uitdrukking te brengen. Keep it simple: maak korte maar duidelijke schetsen en geef een heldere toelichting aan de zijkant. Als het te complex wordt is het raadzaam om op te splitsen in 2 losse schetsen.

Schets uit de Design Sprint met ILT

18. Kiezen met stickers ‘niet meest inspirerend, wel meest effectief’

De feedback van het NVWA: ‘Kiezen met Stickers is niet het meest inspirerend, wel het meest effectief’. En dat is ook onze ervaring. Gebruik dit mechanisme om knopen door te hakken waar nodig. Ook ad hoc: zo hebben wij een keer een naam voor een product moeten verzinnen bij een project. We lieten iedereen eerst een paar minuten zelfstandig brainstormen, vervolgens hebben we alles opgeschreven en via het stem mechanisme de knoop doorgehakt. In 5 minuten waren we eruit. Zo snel kan het soms gaan. Maak daar gebruik van.

Kiezen met Stickers bij de NVWA

19. Het samen werken aan een gezamenlijk doel heeft al enorme waarde

Een veel gehoord compliment over het proces:  “Gezamenlijkheid“, “Goed voor de onderlinge relatie; je kweekt zo begrip voor elkaar(s rol)”. In lijn met de koffiebreaks tip eerder: zorg voor voldoende ruimte dat de team leden met elkaar in contact kunnen komen en met elkaar kunnen overleggen. Dit is een onderdeel dat niet onderschat moet worden en wat best benadrukt mag worden vooraf en achteraf.

20. Ask why, why, why, why, why?

Geleend uit het Root Cause Analyses model: vraag 5 x ‘waarom’ om een goed begrip te krijgen over een onderwerp. Voorbeeld:

  1. “Ondermijning is een groot probleem!”   – why ?
  2. “Nou, omdat het een verweving is van bovenwereld en onderwereld en dús een grote impact heeft op de maatschappij” – ehm, why?
  3. “Ondermijning omvat o.a. georganiseerde drugshandel en dat zorgt voor veel overlast en kost ons veel geld” – why?
  4. “Nou, de drugshandel gaat o.a. gepaard met uitbuiting van mensen, chemisch afval dumping op straat en in de natuur en daar worden wij niet veel beter van, bovendien moeten we veel mensen inzetten op controle, toezicht en handhaving (en opruiming)” – ….why?
  5. “Omdat we onvoldoende capaciteit hebben om preventief te werk te gaan en onvoldoende kunnen prioriteren waar we onze middelen op inzetten:”.

Ah. Maar dat is een probleem waar we mee aan de slag kunnen!

21. Samenvatten, samenvatten, samenvatten

Een algemene tip die helpt de focus te houden gedurende de Design Sprint. De Design Sprint is een traject dat vlot loopt en waarbij weinig tijd is voor reflectie. Het is de taak van de Sprint Master om gedurende het proces iedereen mee te nemen. De handigste methode om dat te doen is consequent blijven samenvatten. Samenvatten wat gezegd is, wat we gedaan hebben en wat er gaat komen (en waar we naartoe gaan). Vaak ontstaat er een muur van post-its en aantekeningen, maar is het proces helder genoeg om aan het eind van dag 1 te kunnen zeggen: “We begonnen met de Big Challenge ‘C’, toen hebben we de stip op de horizon ‘S’ bepaald en de Sprint Vragen Sv1 t/m Sv2, daarmee hebben we vervolgens de Map gemaakt en experts erbij gehaald om te toetsen of we op de goede route zitten. Tot slot hebben we een focus point gekozen van waar we morgen verder vertrekken!” 

22. ‘Lastige’ collega’s helpen discussies scherp te krijgen

Bij de Intake wordt vaak gesuggereerd dat de ‘lastige’ collega vast niet in het Sprint Team moet zitten. Wij zijn van mening dat die persoon juist kan helpen. Afhankelijk natuurlijk van hoe lastig de betreffende persoon is, moet in onderling overleg bepaald worden op welk moment hij of zij het beste een bijdrage kan leveren. Soms is dat in het ontwerpteam, maar soms als expert op dag 1 of dag 5. Vaak helpen de lastige collega’s om de dingen te zeggen die anderen ook al dachten of kan ontwikkelingen noemen die ook al lopen in de organisatie die hierop lijken. Dit soort kennis helpt het ontwerpteam om de discussies scherper te krijgen en een helder doel te formuleren.

23.  Laat de gesprekken soms lopen

In mijn koffer zit een klok. Een timer timer om precies te zijn. Die is bedoeld om gesprekken binnen een gegeven tijd af te kunnen ronden en geeft een ‘sense of urgency‘. De ervaring leert echter dat het soms handig is om gesprekken even te laten lopen en niet al te strikt met de precieze tijden om te gaan. Het vraagt enige ervaring om aan te voelen hoeveel tijd een bepaald onderwerp nodig heeft en of je wat kunt uitlopen met onderdeel ‘A’ om vervolgens bij onderdeel ‘B’ wat in kan halen, maar neem soms wat tijd.

24. Indien nodig: ‘parkeer’ opmerkingen en onderwerpen

Maak een parkeerlijst gedurende de Design Sprint. De parkeerlijst is bedoeld voor onderwerpen die je op dat moment niet kan (of wil) behandelen maar ook niet wil verliezen. Het kan ook een methode zijn om ingewikkelde onderwerpen letterlijk even te parkeren en op een later moment weer op te pakken (zie tip #16). Soms is het parkeren ook een manier om iets permanent te parkeren – en dat is oké. In de Design Sprint streven we niet naar volledigheid maar naar maximaal leer-rendement en om te kijken hoever we kunnen komen in 5 dagen.

25. Samen schetsen is relatief makkelijk – samen ‘Data Science’ beoefenen relatief moeilijk

Ons Design Sprint proces is opgezet om in 5 dagen van een idee naar een gevalideerd prototype te komen. Op dag 2 en 3 maken we onderscheid tussen de creatieve designs (wat moet het prototype doen? wat levert het op? hoe moet het er uit zien? wat gaan we gebruiken? wie zijn de gebruikers?) en  de data science (welke bronnen? hoe ziet de data er uit? wat is de kwaliteit van de data? welke analyses kunnen we doen? welke algoritmes gaan we gebruiken?). De ervaring leert dat het gezamenlijk bespreken van schetsen en ontwerpen in het creatieve gedeelte eenvoudiger is dan het gezamenlijk Data Science te beoefenen. Dat is inherent aan het vakgebied en is lastiger te organiseren. Voorbeeld: bij de creatieve methode kan er met stikkers een consensus gevormd worden van welke schetsen de meest belovend zijn. Voor data science weet je pas wat werkt als je de (eerste) resultaten hebt. In onze ervaring lijkt het meest effect te hebben om vooraf, tijdens en na afloop te bespreken welke data science keuzes gemaakt worden/zijn en gezamenlijk te evalueren. Tijdens de Solution Rush is er meer ruimte voor gezamenlijk optrekken en analyses te doen.

26. Vijf dagen direct achter elkaar is te krap voor een uitgewerkt prototype

Wij hebben de Design Sprint een enkele keer ook letterlijk in 5 dagen achter elkaar gedaan. In onze ervaring is dat te krap. Het vraagt nogal wat van de deelnemers om (3 van de) 5 dagen hun agenda leeg te gooien en gedurende die dagen naast het analyseren, bedenken en ontwerpen ook de data te verzamelen, op te schonen, te analyseren en te verwerken in een prototype. In het ideale geval wordt een Design Sprint in 2 weken uitgevoerd met wat ademruimte tussen de dagen. De eerste 3 dagen hebben we het liefst wel vlot achter elkaar (bijvoorbeeld: maandag, woensdag, donderdag) en dag 4 en 5 kunnen dan verspreid over de tweede week gepland worden. Daarmee heeft het Design Sprint team en de Data Scientist de ruimte om het probleem met de data om te zetten in het prototype.

27. Privacy By Design

In het vakgebied waarin wij zitten is Privacy een zeer belangrijk onderwerp wat wij ook bijzonder serieus nemen. Afhankelijk van het onderwerp betrekken we de Privacy Officer al gedurende de Design Sprint. Wat we in ieder geval altijd doen is het vaststellen van welke data er persoonsgegevens gebruikt moeten worden (vaak volstaat het om gepseudonimiseerde data te krijgen – daarmee heeft het prototype geen persoonsgegevens in gebruik) en of er daarmee een Privacy Impact Assessment (PIA) gedaan moet worden bij een vervolg. Verder is het zo dat voor het prototype ook een ‘sample’ data volstaat. We hoeven niet alle data direct beschikbaar te hebben om het onderzoek te kunnen doen. Aan het eind van de Design Sprint heb je dan inzichtelijk

  • welke databronnen er gebruikt kunnen worden;
  • of er persoonsgegevens nodig zijn en of er daar een wettelijke grondslag / doelbinding voor is (voorzet voor PIA);
  • in welke vorm (gepseudonimiseerd, anoniem); en
  • wat de te verwachten waarde is voor het oplossen van het probleem

Daarmee kan daarna een onderbouwt gesprek gevoerd worden en bepaald worden of en in welke vorm het vervolg vormgegeven gaat worden.

28. Maak het team bewust van dat ze de kans krijgen om iets unieks te ontwerpen

Dit is iets wat veel deelnemers aan een Design Sprint onvoldoende beseffen: ze hebben een prachtige kans om iets unieks te ontwerpen voor een probleem dat – als het goed is (zie tip #4) – zij ook als een echt probleem ervaren.  Op het momént dat dat kwartje valt zie je iedereen actief z’n best doen om zijn of haar beste ideeën te pitchen met de ambitie om het beste prototype in de gegeven tijd te ontwerpen.

29. Validatie: Positieve punten, Verbeterpunten en vragen

Bij de validatie (zowel interne validatie als externe validatie) zijn wij erachter gekomen dat vrijwel alle feedback samen te vatten is in de drie categorieën:

  • Positieve punten: wat vonden ze goed/mooi/handig/etc aan het prototype
  • Verbeterpunten: wat vonden ze minder goed, of wat ontbrak, of wat zou gewoon beter kunnen
  • Vragen: vaak zijn er ook een hoop vragen. Soms over de data en soms over de werking van het prototype en hoe het gebruikt kan worden.

Met deze driedeling kan je een mooi overzicht maken van wat er uit de validatieronde gekomen is om er patronen in te ontdekken.

30. Sprint vragen: expliciet beantwoorden (of niet)

Na afloop van de validatie proberen wij altijd expliciet de Sprint Vragen te beantwoorden die op dag 1 gesteld zijn. In het mooiste geval zijn alle Sprint Vragen zowel beantwoord als positief. Vaker is het zo dat niet alle Sprint Vragen beantwoord zijn en worden er gezamenlijk vervolgacties gepland. Ook hier geldt dat de Design Sprint niet naar volledigheid streeft maar zoveel mogelijk en zo goed mogelijk probeert te beantwoorden in de gegeven tijd om maximaal te leren en het vervolg te kunnen bepalen. Het is daarmee van belang om op dag 1 de Sprint Vragen ook goed te prioriteren.

31. Maak de waarde inzichtelijk van het ontworpen prototype

Aan het eind van de week maken wij naast een inhoudelijke validatie ook zo goed als mogelijk de ‘waarde’ inzichtelijk. Hiervoor gebruiken lenen wij methode uit de Value Proposition Design om het probleem inzichtelijk te maken en onderdeel van de oplossing te plotten op de probleemstelling. Vervolgens maken we per onderdeel een ruwe inschatting met de organisatie om te bepalen wat de beoogde waarde is van de oplossing (bijvoorbeeld uitgedrukt in efficiëntie, of terugdringen aantal oneigenlijke uitkeringen). Het maatschappelijke karakter van de publieke sector maakt het soms lastig om de waarde te kwantificeren in uren of euro’s, maar dat maakt het niet minder noodzakelijk om gezamenlijk de maatschappelijke waarde van de beoogde oplossing te duiden.

Voorbeeld: Value Proposition Design

32. Evalueer en leer van iedere sprint: build – measure – learn – improve!

De lijst met punten hierboven zijn het resultaat van een flink aantal Shintō Labs Design Sprints. Na iedere Design Sprint (build) meten we het resultaat middels evaluatieformulieren (measure). Daarbij kijken we zowel naar kwalitatieve zaken (“die Crazy 8’s zijn echt niet te doen!”) als kwantitatieve beoordeling. Ook komen wij als Sprint Team bij elkaar om te leren van sprints en om te bedenken wat we anders willen (learn!). En daar passen we de toepassing van het Design Sprintproces op aan. Op hoofdlijnen blijft het proces overeind: dat zit inmiddels bewezen goed in elkaar. Maar op detailniveau en de toepassing is er altijd ruimte voor verbetering.

Als jullie tips voor ons hebben? Mail ze naar mij op jurriaan@shintolabs.nl

Relevante links

Summary
Article Name
32 Design Sprint tips na 2 jaar ervaring in de praktijk
Author