Tag Archief van: Juno

Het is weer zover: de halfjaarlijkse woningbouwuitvraag

Het is weer zover.

In veel gemeenten en provincies wordt op dit moment hard gewerkt aan de landelijke uitvraag van woningbouwgegevens. Een periodiek moment waarop de voortgang van de woningbouwopgave en bijbehorende knelpunten, zoals financiering en netcongestie, in kaart worden gebracht.

Die uitvraag is de afgelopen periode intensiever geworden. Waar dit voorheen jaarlijks gebeurde, is inmiddels sprake van een halfjaarlijkse cyclus. Met vaste meetmomenten in het voor- en najaar proberen Rijk en provincies sneller inzicht te krijgen en bij te sturen op de doelstelling van 100.000 woningen per jaar.

Dat helpt om beter zicht te krijgen op de opgave. Tegelijkertijd legt het ook steeds meer druk op de manier waarop we data verzamelen, controleren en uitwisselen.

Het helpt om beter zicht te krijgen op de opgave

Een herkenbaar proces

De praktijk ziet er vaak ongeveer hetzelfde uit.

Projectinformatie wordt verzameld uit verschillende bronnen. In de praktijk worden alle projectleiders en woningcorporaties gevraagd om een update over hun projecten te geven: vaak een groot Excel-vergelijkings-circus en een intensief traject met veel overleg en afstemming. Cijfers worden vervolgens gecontroleerd en vergeleken met eerdere aanleveringen. Er ontstaan vragen over definities, fasering of totalen. Soms moeten gegevens opnieuw worden aangeleverd of aangepast.

Daarna volgt afstemming tussen gemeente en provincie. Wat is de juiste stand van zaken? Welke versie is leidend? En hoe sluiten de cijfers aan op eerdere rapportages? Het zijn geen grote problemen op zichzelf. Maar bij elkaar opgeteld zorgen ze voor veel extra werk, afstemming en onzekerheid.

Figuur: Zo ziet het proces er in de praktijk vaak uit

Waar het echt schuurt

Wat opvalt, is dat deze terugkerende inspanning vaak wordt gezien als onderdeel van de uitvraag zelf.

Maar in de praktijk zit het probleem meestal eerder in de keten.

Niet omdat mensen hun werk niet goed doen, maar omdat gegevens op verschillende momenten worden vastgelegd, definities net anders worden geïnterpreteerd en controles pas plaatsvinden wanneer de data al gedeeld moet worden.

In de praktijk zien wij dat inconsistenties in definities, fasering en totalen vaak ontstaan bij handmatige aanlevering en interpretatie van data. Dat vraagt niet om nóg een controle aan het einde, maar om structurele validatie en ondersteuning eerder in het proces.

In de praktijk zit het probleem meestal eerder in de keten

De keten achter de cijfers

De woningbouwmonitoring is geen losse rapportage, maar een keten.

Gemeenten registreren projecten. In veel regio’s, zoals in Brabant, Limburg, maar ook in Gelderland, Overijssel en Zuid- en Noord-Holland, werken gemeenten daarbij samen in regionaal verband aan de woningbouwopgave. Provincies controleren en verrijken deze informatie, waarna landelijke partijen de data bundelen en rapporteren.

Juist die regionale laag speelt in de praktijk een belangrijke rol. Hier worden afspraken gemaakt, cijfers vergeleken en verschillen zichtbaar. Tegelijkertijd is dit ook een punt waar interpretaties uiteen kunnen gaan als definities en werkwijzen niet eenduidig zijn ingericht.

Zolang deze stappen niet goed op elkaar aansluiten, blijft de uitvraag een momentopname die veel handmatig werk vraagt.

En dus herhaalt hetzelfde proces zich ieder jaar opnieuw.

Wat er verandert als je het anders organiseert

We zien in de praktijk ook dat het anders kan.

Wanneer projectdata één keer wordt vastgelegd op basis van gedeelde definities, en vervolgens doorstroomt naar andere bestuurslagen, verandert de dynamiek.

Controles verschuiven naar voren in het proces. Verschillen in interpretatie worden eerder zichtbaar. En de uitvraag zelf wordt minder een apart traject, maar meer een logisch moment in een doorlopende informatiestroom.

Dat betekent niet dat er geen afstemming meer nodig is. Maar wel dat die afstemming plaatsvindt op inhoud, in plaats van op het reconstrueren van cijfers.

Wie het goed organiseert, merkt dat het vanzelf een stuk eenvoudiger wordt

Figuur: Zo werkt het wanneer de keten goed is ingericht

Wat wij doen om dit proces te verbeteren

In de praktijk zien we dat het verbeteren van dit proces niet begint bij rapportages, maar bij de inrichting van de onderliggende data.

In onze trajecten werken we met een flexibel datamodel, waarin ruimte is voor lokale en regionale verschillen, maar altijd binnen duidelijke kaders. Denk daarbij aan landelijke afspraken zoals de Basisset, aangevuld met provinciale of regionale uitvragen. Zo zijn er gemeenten die een wat afwijkende prijsklasse opdeling hanteren dan wat er op landelijk niveau als norm is vastgesteld. Ook zijn er variaties in planologische procesfasen die niet altijd 1-op-1 te vertalen zijn naar naar de landelijke Basisset.

Die combinatie van flexibiliteit en begrenzing zorgt ervoor dat gemeenten hun eigen praktijk kunnen blijven volgen, terwijl de uitwisseling van data tussen bestuurslagen wel consistent blijft.

Daarnaast besteden we veel aandacht aan het proces rondom de data. We organiseren ondersteuningssessies met gemeenten om de registratie goed neer te zetten en sluiten aan bij structureel overleg met provincies en regio’s om definities, validaties en werkwijzen op elkaar af te stemmen.

Juist die combinatie van datamodel, validatie en afstemming in de keten maakt dat het proces niet alleen technisch werkt, maar ook organisatorisch beheersbaar blijft.

Tot slot

Zolang woningbouwdata vooral wordt verzameld rond uitvraagmomenten, blijft het ieder jaar een intensief proces.

De vraag is niet zozeer hoe we de uitvraag efficiënter maken, maar hoe we ervoor zorgen dat de data daarvoor al op orde is.

Wie dat goed organiseert, merkt dat de uitvraag vanzelf een stuk eenvoudiger wordt.

Zie ook

Webinar

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Waarom woningbouwmonitoring vaak als administratief gedoe voelt (en dat niet hoeft)

Voor veel beleidsadviseurs voelt woningbouwmonitoring als administratief werk. Iets wat moet worden bijgehouden omdat provincie, regio of bestuur om cijfers vraagt. Niet iets wat direct helpt bij het sturen op de woningbouwopgave. Dat is begrijpelijk. In de praktijk kost het bijhouden van projecten vaak tijd en voelt het al snel als extra werk naast de inhoudelijke opgave waar je eigenlijk mee bezig wilt zijn. Toch is het interessant om te kijken waar dat gevoel precies vandaan komt.

Het gedeelde overzicht verdwijnt en daarmee ook het vertrouwen in de cijfers.

De werkpraktijk: iedereen heeft zijn eigen ritme

In gesprekken met gemeenten zien we grote verschillen in hoe woningbouwmonitoring wordt bijgehouden. Sommige beleidsadviseurs werken hun projecten vrijwel wekelijks bij. Voor hen is het onderdeel van het lopende werkproces. Nieuwe informatie wordt direct verwerkt. Andere gemeenten doen dit eens per paar maanden. En er zijn ook gemeenten die hun monitor vooral bijwerken op de momenten dat de provincie cijfers opvraagt. Op zichzelf is daar niets mis mee. Iedere organisatie ontwikkelt een eigen ritme dat past bij de beschikbare capaciteit en werkwijze. Maar vrijwel iedereen loopt vroeg of laat tegen hetzelfde probleem aan: het bijhouden van projecten kost tijd en voelt al snel als administratief werk.

Excel maakt het probleem vaak groter

In veel gemeenten wordt monitoring nog (deels) in Excel bijgehouden. Op zich niet vreemd. Excel is flexibel, snel beschikbaar en iedereen kan ermee werken. Tegelijkertijd brengt het ook een aantal bekende risico’s met zich mee. Versies raken door elkaar, definities worden impliciet toegepast en kleine wijzigingen kunnen ongemerkt grote gevolgen hebben voor het totaalbeeld. Daarnaast ontstaat vaak een tweede werkelijkheid naast de officiële monitor. Een eigen lijstje, een aanvullende berekening of een correctie die nog niet in de centrale registratie staat. Daarnaast raakt informatie al snel versnipperd over verschillende bestanden, afdelingen of versies. Het gedeelde overzicht verdwijnt en daarmee ook het vertrouwen in de cijfers. Dat maakt het werk foutgevoelig en kost uiteindelijk meer tijd dan nodig is.

Het echte probleem: monitoring staat los van het werkproces

Als je beter kijkt naar deze situaties, blijkt dat het probleem meestal niet de monitoring zelf is. Het probleem is dat monitoring los staat van het werkproces. Projectinformatie wordt dan niet bijgewerkt op het moment dat er iets verandert, maar op een later moment wanneer cijfers nodig zijn. Monitoring wordt daarmee een administratieve handeling achteraf. En precies daar ontstaat het gevoel van administratief gedoe.

Wat er verandert als monitoring onderdeel wordt van het werkproces

Wanneer monitoring onderdeel wordt van het dagelijkse werkproces, verandert de dynamiek. Projectinformatie wordt dan niet periodiek gecorrigeerd, maar continu bijgehouden. Definities zijn expliciet vastgelegd en kwaliteitscontroles maken onderdeel uit van de manier van werken. Er ontstaat één gedeeld beeld van projecten, voortgang en plancapaciteit waarop daadwerkelijk gestuurd kan worden. Monitoring verschuift daarmee van administratieve verplichting naar ondersteunend instrument. Niet iets wat moet worden ingevuld voor een rapportage, maar een manier om overzicht en grip te houden op de voortgang van projecten.

Monitoring verschuift daarmee van administratieve verplichting naar ondersteunend instrument.

Meer weten?

De afgelopen anderhalf jaar hebben we gewerkt aan een volledig vernieuwde versie van Juno WBM, juist met dit uitgangspunt: monitoring organiseren als onderdeel van het werkproces. Tijdens een praktisch webinar op 24 maart laten we zien hoe dit er in de werkpraktijk uitziet. Hoe monitoring onderdeel kan worden van het werkproces — en hoe dat helpt om grip te houden op plancapaciteit en voortgang.

Meld je aan voor het webinar via deze link.

Zie ook

Webinar

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Webinar 24 maart: Grip op woningbouw in 2026

Op 24 maart a.s. organiseren wij een webinar over het praktisch organiseren van woningbouwmonitoring. Tijdens dit webinar laten we zien hoe gemeenten plancapaciteit en voortgang structureel kunnen inrichten als werkstructuur, in plaats van als losse rapportage.

De druk op betrouwbare monitoring neemt toe. Landelijke ambities, regionale woondeals en lokale prestatieafspraken vragen om duidelijke definities, consistente bronkeuzes en uitlegbare cijfers. Tegelijkertijd ervaren veel beleidsprofessionals dat monitoring in de praktijk tijd kost en vaak handmatige correcties vraagt.

Tijdens het webinar geven wij een live demonstratie van de vernieuwde Juno WBM. Daarbij gaan we onder meer in op:

  • Het expliciet vastleggen van definities en planstatussen
  • Het organiseren van datakwaliteit binnen het werkproces
  • Het inzichtelijk maken van voortgang zonder Excel-correcties
  • Het aansluiten van rapportages op bestuurlijke verantwoording

Het webinar is met name bedoeld voor beleidsadviseurs, programmamanagers en projectleiders wonen en volkshuisvesting. Deelname is kosteloos.

📅 24 maart 2026
🕙 10:00 – 11:00 uur
💻 Online via Microsoft Teams

Na afloop ontvangen alle inschrijvers de opname.

Aanmelden kan via de eventpagina op onze website.

Zie ook

Webinar

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Juno OWK volledig bijgewerkt voor WCAG 2.2

De Openbare Woningbouwkaart (OWK) is technisch volledig bijgewerkt om te voldoen aan de WCAG 2.2-richtlijnen voor digitale toegankelijkheid. Op basis van een externe audit zijn 48 aanbevelingen verwerkt tot concrete verbeteringen. Deze audit is uitgevoerd door een onafhankelijk gespecialiseerd bureau en beoordeelde de OWK op alle onderdelen van de WCAG-standaard. Alle bevindingen zijn inmiddels doorgevoerd en vormen samen de WCAG-update die we nu gefaseerd uitrollen.

Wat is WCAG en waarom is het belangrijk?

WCAG staat voor Web Content Accessibility Guidelines: internationale richtlijnen die bepalen in hoeverre digitale informatie toegankelijk is voor alle gebruikers, inclusief mensen met een beperking. Denk aan gebruikers die afhankelijk zijn van schermlezers, toetsenbordnavigatie of verhoogd contrast. Voor overheden is digitale toegankelijkheid niet alleen wenselijk, maar ook een wettelijke verplichting. OWK’s worden door een breed publiek gebruikt — inwoners, raadsleden, ontwikkelaars, corporaties, onderzoekers — en moeten daarom voor iedereen begrijpelijk en bedienbaar zijn. Met de WCAG-update voldoet de OWK aan de technische eisen die nodig zijn om een toegankelijke basis te bieden.

Wat is er verbeterd?

De update bevat onder meer verbeteringen op het gebied van:

  • Navigatie & hulpsoftware – betere ondersteuning voor schermlezers en consistente structuur.

  • Leesbaarheid & contrast – tekst en elementen zijn duidelijker en voldoen aan contrastnormen.

  • Toetsenbordbediening – volledige bediening zonder muis is mogelijk.

  • Structuur & consistentie – voorspelbare opbouw, duidelijke titels en correcte semantiek.

De verbeteringen zijn volledig technisch van aard. Gemeenten hoeven geen handelingen uit te voeren om de update te activeren.

Uitrol naar alle OWK-omgevingen

De WCAG-update wordt de komende weken uitgerold naar alle openbare woningbouwkaarten, zodat iedere omgeving voor het einde van het jaar beschikt over een technisch WCAG-conforme basis. De update vindt automatisch plaats; ICT-afdelingen hoeven niets in te richten of aan te passen.

Toegankelijkheidsverklaring: wat moet u zelf nog doen?

Organisaties die aansluitend een officiële toegankelijkheidsverklaring willen opstellen, wordt geadviseerd ook naar content te kijken:

  • teksten

  • gebruikte afbeeldingen

  • kleurgebruik binnen de eigen huisstijl

Technische toegankelijkheid vormt de basis, maar content speelt een even belangrijke rol.

Meer informatie?

Heeft u vragen of wilt u ondersteuning bij dit traject? Neem gerust contact met ons op.

Zie ook

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Gemeente Vught live met openbare woningbouwkaart van Juno

De gemeente Vught heeft haar woningbouwplannen toegankelijk gemaakt via de openbare woningbouwkaart van Juno. Inwoners, ontwikkelaars, corporaties en andere belanghebbenden kunnen hiermee in één oogopslag zien welke woningbouwprojecten in Vught gepland zijn, in ontwikkeling zijn of worden gerealiseerd.

Koppeling met projectenwebsites

Met de kaart wil de gemeente meer duidelijkheid bieden over de voortgang van de woningbouwopgave. Per locatie is achtergrondinformatie beschikbaar over het type project, de fase, het aantal woningen en de actuele status. Bij veel projecten is een koppeling beschikbaar naar een projectwebsite voor nog meer informatie. De kaart wordt automatisch bijgewerkt vanuit de interne administratie van de gemeente, waardoor gebruikers altijd met actuele gegevens werken.

Transparant over de woningbouwopgave

Vught sluit daarmee aan bij een groeiend aantal gemeenten dat transparantie belangrijk vindt in de communicatie over woningbouw. De openbare woningbouwkaart ondersteunt de gemeente in het helder informeren van inwoners en het versterken van het gesprek over ruimtelijke ontwikkeling en woonbeleid.De woningbouwkaart van Vught is te bekijken via: https://woningbouwkaart.vught.nl/

Zie ook

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Het verhaal achter Juno 2.0: een platform opnieuw uitgedacht

Wie vandaag werkt aan de woningbouwopgave weet dat het niet alleen gaat om het registreren van projecten. Het gaat om samenhang, regie, datakwaliteit en een manier van werken waarbij alle betrokkenen — van beleidsadviseur tot projectleider en van regio tot provincie — met dezelfde informatie kunnen sturen. Met die gedachte zijn we dit jaar begonnen aan Juno 2.0: een vernieuwde versie van ons platform die niet alleen moderner oogt, maar vooral dieper aansluit op de praktijk van gebruikers. Niet door vanachter een bureau te ontwerpen, maar door tweewekelijks met gemeenten, provincies en regio’s in gesprek te gaan. In een serie open (online) inloopspreekuren bespraken we telkens een onderdeel van de nieuwe versie. We lieten prototypes zien, ontvingen gerichte feedback, zagen waar organisaties tegenaan lopen en hebben stap voor stap verfijnd wat Juno 2.0 zou moeten zijn.

Waarom een nieuwe Juno?

De nieuwe versie van Juno is geen cosmetische update, maar een grondige vernieuwing. Tijdens de inloopspreekuren bespraken we de belangrijkste ontwerpdoelen met de gebruikers: het creëren van meer overzicht, minder handelingen, betere datakwaliteit, duidelijkere rollen en rechten, betere vergelijkbaarheid tussen gemeenten en regio’s, en een platform dat voorbereid is op transparantie en ketensamenwerking. Juno 2.0 moest een systeem worden dat rust brengt, schaalbaar is, en voldoende flexibel om mee te groeien met landelijke ontwikkelingen zoals de LMVW, de OWK en de Publiek-Private Monitor (PPM). Met die uitgangspunten zijn we aan de slag gegaan — niet alleen vanuit techniek, maar vooral vanuit de vraag hoe gemeenten en provincies in hun dagelijkse werk echt geholpen worden.

Figuur: Dashboard

Een cockpit die rust en overzicht brengt

Een van de meest genoemde wensen was: geef ons een plek waar alles bij elkaar komt. Dat is de kern geworden van de nieuwe cockpit. Gebruikers krijgen in één oogopslag zicht op de ontwikkeling van de woningbouwopgave: hoeveel plannen er in voorbereiding zijn, wat in aanbouw staat en waar vertraging of versnelling optreedt. Geen verzameling losse schermen meer, maar een centrale plek die richting geeft. De cockpit is ontworpen met het idee dat iedere rol — uitvoerend, beleidsmatig of strategisch — er zijn eigen vragen mee kan beantwoorden, zonder eerst door tientallen filters of tabellen te hoeven gaan.

Een datamodel dat aansluit op hoe organisaties echt werken

De woningbouwopgave wordt steeds meer een gezamenlijke opgave tussen gemeenten, regio’s en provincies. Dat vraagt om een datamodel dat die werkelijkheid aankan. In Juno 2.0 hebben we het model volledig herzien: consistenter, uitgebreider en beter passend bij de Basisset 2.0 van de Landelijke Monitor Voortgang Woningbouw. Gebruikers merkten in de inloopspreekuren direct hoe dit helpt: gegevens zijn herkenbaarder, vergelijkingen kloppen beter en koppelingen zijn eenvoudiger te realiseren. Het model is flexibel genoeg om lokale keuzes te ondersteunen, zonder dat de onderliggende structuur uiteenvalt.

Slimmer beheren en sneller corrigeren

Bij veel organisaties leeft dezelfde vraag: hoe houden we onze data actueel zonder dat het onnodig veel tijd kost? Juno 2.0 introduceert daarom een nieuwe manier van beheren. De Bulk Editor maakt het mogelijk om in één handeling meerdere projecten te corrigeren. Kleine maar belangrijke verfijningen — zoals het vertalen van statussen, het aanvullen van woonprogramma’s of het herstellen van datakwaliteit — kunnen nu in minuten in plaats van uren. Het is een hulpmiddel dat vooral voor regio’s en grotere gemeenten direct waarde toevoegt.

Figuur: Bulkeditor

Veilig en duidelijk: nieuwe rollen, rechten en identiteiten

Naarmate meer organisaties samenwerken binnen Juno, werd de behoefte aan heldere toegangsstructuren groter. Daarom bevat Juno 2.0 een nieuw systeem van rollen en rechten, passend bij de werkprocessen van gemeenten en provincies. De integratie met Entra ID zorgt ervoor dat gebruikers veilig en centraal kunnen inloggen, en dat organisaties zelf controle houden over hun accounts. Het geeft zowel beheerders als gebruikers overzicht en duidelijkheid.

Voorbereid op transparantie en samenwerking

Juno 2.0 sluit aan bij de beweging die we in het hele land zien: meer openheid richting inwoners, corporaties en marktpartijen. De nieuwe versie werkt daarom naadloos samen met de vernieuwde openbare woningbouwkaart, inclusief de WCAG 2.2-toegankelijkheidsaanpassingen die we dit jaar hebben doorgevoerd. Gemeenten kunnen zelf bepalen welke informatie zij publiceren en hoe zij deze presenteren. En voor organisaties die willen doorgroeien naar meer samenwerking, is Juno 2.0 voorbereid op de Publiek-Private Monitor (PPM), zodat zowel publieke als private partijen met actuele informatie kunnen werken.

Iedereen werkt op het zelfde fundament met Juno 2.0

Het afgelopen halfjaar stond in het teken van samen ontwikkelen, testen, bespreken en aanscherpen. Inmiddels is de nieuwe versie gereed en wordt Juno 2.0 bij de gebruikers uitgerold. Dan werkt iedereen op hetzelfde nieuwe fundament. Dat is misschien wel de grootste winst: één landelijk platform waar gegevens op dezelfde manier worden vastgelegd, waar inzichten direct beschikbaar zijn en waar samenwerking eenvoudiger wordt. Juno 2.0 is een gezamenlijke stap vooruit — gebouwd met de kennis van vandaag en klaar voor de woningbouwopgave van morgen.

Meer weten Juno 2.0

Wil je de presentaties, verslagen of opnames van de inloopspreekuren terugzien, of wil je een demo van de nieuwe versie van Juno? Via het formulier hieronder kun je eenvoudig aangeven waar je interesse naar uitgaat. We nemen daarna contact met je op.


Zie ook

Webinar

Whitepaper

Blogs

Nieuws

Publieke monitor of publiek-private monitor? Tijd voor helderheid.

In mijn gesprekken met gemeenten, provincies en marktpartijen over de woningbouwopgave komt steevast één vraag terug: hoe houden we grip op de voortgang? Niet op de ambities of beloftes, maar op de realisatie. En steeds vaker gaat dat gesprek niet alleen over beleid of plancapaciteit, maar over data. Over monitoring. Over inzicht als basis voor sturing en liefst versnelling. Vanuit dat perspectief merk ik regelmatig dat er verwarring ontstaat over twee begrippen: de ‘publieke monitor’ en de ‘publiek-private monitor’. Twee termen die op elkaar lijken, maar in praktijk iets heel anders betekenen. En omdat die verwarring tot misverstanden leidt, wil ik in deze blog beide begrippen uit elkaar trekken en laten zien hoe we er met Juno op inspelen.

Wat bedoelt het Rijk met een Publiek-Private Monitor?

De term ‘publiek-private monitor’ (vaak afgekort tot PPM) is afkomstig van het Taskforce Versnelling Woningbouw van RVO. In december 2024 is tijdens de Woontop afgesproken dat elke regio of versnellingstafel vanaf 1 juli 2025 met een PPM zou moeten werken. In mei 2025 is dit nogmaals bekrachtigd in een Kamerbrief van minister Mona Keijzer (VRO).

Een PPM is in deze context géén softwareproduct, maar een samenwerkingsinstrument. Het doel: een gedeeld beeld creëren van de woningbouwprojecten die er echt toe doen, inclusief eventuele knelpunten, zodat overheid en marktpartijen samen kunnen versnellen. Denk aan corporaties, ontwikkelaars, gemeenten en provincies die aan één tafel zitten en afspraken maken op basis van actuele en betrouwbare informatie.

De handreiking over PPM van de Taskforce Versnelling Woningbouw beschrijft de uitgangspunten: richt je op sleutelprojecten, houd het overzichtelijk, zorg voor een beperkte set indicatoren, breng knelpunten in beeld en maak afspraken over eigenaarschap en vertrouwelijkheid van de data.

Handleiding voor een effectieve Publiek-Private Monitor (PPM)

Geen verplichting, wél duidelijke verwachting

Belangrijk om te benadrukken: er is op dit moment geen wettelijke verplichting voor gemeenten om een PPM te hebben. Wat er wel ligt, zijn beleidsrichtlijnen en stevige verwachtingen vanuit het Rijk.

Twee dingen springen eruit:

  1. Gemeenten worden geacht data aan te leveren voor landelijke monitoring (zoals de LMVW).
  2. Gemeenten moeten openheid bieden richting marktpartijen en andere ketenpartners, bijvoorbeeld via een PPM-achtige werkwijze.

Het ministerie spreekt dus van ‘verwachtingen’ en ‘afspraken’, maar niet van een formeel juridisch kader. Tegelijkertijd is het duidelijk dat gemeenten niet om dit onderwerp heen kunnen: het is de norm aan het worden in samenwerking tussen overheid en markt.

En dan de ‘publieke monitor’?

Ook hierover merk ik verwarring. Sommige gemeenten denken dat het Rijk met een ‘publieke monitor’ doelt op een verplichte openbare woningbouwkaart. Maar dat is niet wat bedoeld wordt. De term ‘publiek’ verwijst hier naar het feit dat de monitor wordt gebruikt door publieke organisaties (gemeente, provincie). In die zin is bijvoorbeeld de woningbouwmonitor in Juno (WBM) een publieke monitor. Wanneer een gemeente wél de wens heeft om projectinformatie te delen met inwoners, raadsleden of andere betrokkenen, dan kan dat via de openbare woningbouwkaart (Juno OWK). Maar dat is een keuze, geen verplichting.

Openbare woningbouwkaart Gemeente Eindhoven

Hoe Juno aansluit op de praktijk en de beleidslijn

Wij hebben de PPM-module van Juno ontwikkeld in directe afstemming met de makers van de handreiking Samen aan het stuur! Handleiding voor een effectieve Publiek-Private Monitor (PPM). Niet als extra systeem, maar als uitbreiding op Juno WBM. De data die gemeenten toch al bijhouden in Juno, wordt daarmee ook bruikbaar voor de versnellingstafel.

Wat de module uniek maakt, is de focus op wat er écht toe doet aan tafel:

  • Alleen de relevante sleutelprojecten worden getoond (zoals woondealprojecten of versnellingskandidaten).
  • De belangrijkste indicatoren uit de handreiking zijn beschikbaar, inclusief specifieke visualisaties voor voortgang en knelpunten.
  • De knelpuntenanalyse (denk aan: bezwaarprocedures, vergunningen, stikstof, financiering) wordt letterlijk naar de voorgrond gehaald.

De module is dus geen kopie van Juno WBM, maar een toegespitste werkruimte voor de deelnemers van de versnellingstafel: van voorzitter tot ontwikkelaar. Zo blijft de complexiteit achter de schermen, en staat de gezamenlijke opgave centraal.

Tot slot

Met Juno WBM kunnen gemeenten al voldoen aan de datavraag van provincies en het Rijk. Met Juno PPM bouwen we daar bovenop een ‘digitale werktafel’ waarin overheid en markt samenwerken op basis van gedeelde informatie. Precies zoals het ministerie het voor zich ziet. Zonder verwarring, mét regie. Ben jij benieuwd hoe we jouw werk met Juno kunnen versterken? Neem dan contact met ons op!

P.s. op donderdag 23 oktober a.s. verzorgen we samen met Ruud Kruip, adviseur, mede-auteur van de handleiding PPM en initiatiefnemer van publiekprivatemonitor.nl, een presentatie tijdens de Brabantse Dag van het Wonen over Publiek-Private Monitor. Zie voor meer informatie de congreswebsite.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

 

Foto door cyril mzn via Unsplash

Sturen op woningbouw met AI: van datasysteem naar regieplatform

Bij Shintō Labs zijn we continu bezig met de vraag: hoe kunnen we Juno nog waardevoller maken voor onze gebruikers? In gesprekken met gemeenten, provincies en partners horen we steeds vaker interesse in de inzet van artificial intelligence (AI). Tegelijkertijd zien we dat AI zich razendsnel ontwikkelt — niet alleen als techniek, maar ook als denkwijze. We zijn daarom aan het verkennen hoe we AI op een doordachte en bruikbare manier kunnen integreren binnen Juno. Wat zou het kunnen betekenen voor dataverwerking, monitoring, beleidsanalyses of samenwerking met externe partijen? En hoe ziet de toekomst eruit als we Agentic AI inzetten als ondersteuning voor de beleidsadviseur?

In deze blog delen we onze eerste ideeën en verkenningen. Geen productaankondiging, maar een inkijkje in hoe wij als ontwikkelaars, ontwerpers en denkers kijken naar de rol van AI in het woningbouwdomein. We nodigen je uit om mee te denken.

AI als motor voor conversie en dataverrijking

Gemeentelijke beleidsinformatie is zelden netjes gestructureerd. Het zit in PDF’s, in e-mails, in raadsvoorstellen of in losse Excelbestanden van een woningcorporatie. Op dit moment moeten gebruikers zelf deze informatie overnemen in Juno. Maar AI kan helpen door deze gegevens automatisch te herkennen en om te zetten naar het juiste datamodel. Denk aan een algoritme dat een projectplan leest, herkent dat het om 48 woningen in de middenhuur gaat met start bouw in Q1 2026, en dit meteen correct in het systeem zet.

Ook onduidelijke, contextafhankelijke informatie kan door AI worden geïnterpreteerd. Als er bijvoorbeeld sprake is van een ‘optopping van een bestaand gebouw’, weet het model straks: dit telt als woningbouw via verbouw, en moet dus anders verwerkt worden dan reguliere nieuwbouw.

AI als copiloot bij het maken van analyses

Veel gebruikers willen “meer uit Juno halen” zonder dat ze zelf diep in de filters hoeven te duiken. Door AI toe te voegen aan de interface, kun je als gebruiker straks in gewone taal vragen stellen aan het systeem: “Toon alle projecten in mijn gemeente die meer dan 12 maanden vertraging oplopen” of “Geef me alle projecten waarvan de betaalbaarheidscategorie nog onbekend is.”

Maar AI kan ook zelfstandig verbanden leggen: zijn er geografische clusters waar projecten structureel vertragen? Welke projectontwikkelaars komen vaak voor bij vertraagde oplevering? Wat is de impact van een beleidswijziging in de provincie op de regionale plancapaciteit? Dit soort analyses worden mogelijk door AI-modellen die continu meekijken naar het geheel van de data, niet alleen individuele projecten.

Slimmer omgaan met administratie en invoer

Een veelgehoorde drempel bij het werken met monitorsystemen is het handmatig invoeren van gegevens. Door AI slim in te zetten, kan dat proces versneld én verrijkt worden. Bijvoorbeeld door automatische suggesties te geven op basis van eerdere invoer (“Bedoel je hier fase 2 van project De Akkers?”), of door het systeem incomplete invoer te laten aanvullen met voorgestelde waarden.

Ook kan AI meekijken tijdens het invullen en waarschuwen als iets niet klopt — bijvoorbeeld als de start bouw vóór de vergunningsdatum ligt, of als een project 600 woningen bevat terwijl het gekoppeld is aan een plan voor 120. Op die manier fungeert AI als een oplettende collega die meekijkt en helpt, zonder dat je erom hoeft te vragen.

AI als brug naar externe informatiebronnen

Een terugkerende uitdaging is dat gemeenten vaak afhankelijk zijn van informatie van anderen: projectleiders, gebiedsregisseurs, corporaties of marktpartijen. Wat als AI je hierbij zou kunnen helpen? Een agent zou bijvoorbeeld namens de gemeente automatisch gegevensverzoeken kunnen uitsturen naar externe partners, en de ontvangen informatie zelfstandig verwerken — inclusief signalering van ontbrekende onderdelen of tegenstrijdigheden.

Ook openbare bronnen kunnen worden benut. AI kan bijvoorbeeld automatisch besluiten van het college of de raad analyseren en beoordelen of ze relevant zijn voor de woningbouwplanning in Juno. Daarmee wordt de beleidsadviseur niet alleen ontlast, maar ook versterkt: het systeem attendeert je proactief op belangrijke informatie.

Van AI-tool naar agent: de toekomst van Juno

De volgende stap is het ontwikkelen van zogeheten AI-agents: digitale assistenten die zelfstandig taken uitvoeren binnen een duidelijke opdracht en context. Denk aan een planningsagent die continu in de gaten houdt of projecten nog op schema liggen en tijdig adviseert bij afwijkingen. Of een beleidsagent die op basis van Juno-data alternatieve beleidsstrategieën genereert, bijvoorbeeld voor het halen van woningbouwdoelstellingen uit woondeals.

De echte kracht van Agentic AI zit in de mogelijkheid om doelgericht en proactief te werken. Zo’n agent wacht niet tot jij iets vraagt, maar komt zelf met relevante suggesties, stelt prioriteiten voor rapportages, of signaleert structurele datagebreken.

Tot slot: van monitor naar meedenker

Met de inzet van AI verandert Juno van een registratiesysteem naar een actieve partner in de woningbouwopgave. Door slim gebruik te maken van technologie kunnen we routinewerk reduceren, betere inzichten ontsluiten en samenwerking met partners versnellen. En met Agentic AI aan de horizon komt de beleidsadviseur niet alleen sterker te staan, maar ook minder alleen te staan.

Ben jij benieuwd hoe AI jouw werk met Juno kan versterken? Of heb je ideeën voor slimme agents? Neem dan contact met ons op!

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Van losse excels naar één cockpit: zo helpt Juno bij regie op de woningbouwopgave

De woningbouwopgave in Nederland is enorm: honderdduizenden woningen moeten erbij, onder hoge tijdsdruk en met beperkte ruimte. Er zijn prestatieafspraken, woondeals, NOVEX-gebieden, woonzorgopgaven — en daarbovenop steeds meer behoefte aan transparantie richting bestuur en samenleving. Maar wie heeft eigenlijk het overzicht? En wie stuurt?

In veel gemeenten en provincies blijkt de informatie over woningbouwprojecten nog altijd verspreid over Excel-sheets, losse kaarten, afzonderlijke systemen of ouderwetse handmatige overzichten. Het gevolg: geen gedeeld beeld, geen duidelijke regie, en dus geen versnelling. Dat is precies waar Juno voor is ontworpen: een platform dat van versnippering naar samenhang gaat. Van reactief rapporteren naar proactief sturen. En van registreren naar regisseren.

Eén platform, meerdere doelen

Juno is geen ‘tooltje’, geen kaartje met filters. Het is een modulair dataplatform dat meegroeit met de praktijk — en zich bewijst bij meer dan 100 gemeenten, regio’s en provincies.

Het fundament bestaat uit vier onderdelen:

  • Juno WBM – de woningbouwmonitor voor intern gebruik: betrouwbare registratie, filters, dashboards en rapportages.
  • Juno OWK – de openbare woningbouwkaart voor transparantie richting inwoners, raadsleden en marktpartijen.
  • Juno API – koppelingen met GIS, dashboards, open data en andere beleidsdomeinen.
  • Juno PPM – een publiek-private monitor waarin overheid en marktpartijen vertrouwelijk kunnen samenwerken.

Elk onderdeel is ontworpen met het idee dat woningbouw een keten is van afhankelijkheden, waarbij samenwerking en actuele informatie cruciaal zijn.

Meer dan inzicht: structuur, kwaliteit en samenwerking

Wat Juno onderscheidt van andere oplossingen, is de aandacht voor datakwaliteit en procesondersteuning. Het platform valideert invoer, houdt geschiedenis bij, signaleert veroudering van informatie, en maakt gebruik van een slimme autorisatiestructuur. Je weet dus niet alleen wat er gebouwd wordt — maar ook wanneer, door wie en met welk doel.

Daarnaast ondersteunt Juno samenwerking op alle niveaus:

  • Binnen gemeenten: beleidsadviseurs, gebiedsregisseurs, dataspecialisten werken met hetzelfde systeem.
  • Tussen overheden: informatie stroomt van gemeente naar provincie naar Rijk – conform de Basisset Woningbouw.
  • Met de markt: ontwikkelaars en corporaties kunnen gecontroleerd meewerken in een gedeelde omgeving.

En dankzij de Juno Taxonomie kan elk dataprofiel lokaal worden aangepast, zonder dat landelijke vergelijkbaarheid verloren gaat.

Vooruitkijken: Juno + AI

In ons volgende blog over AI in Juno schrijven we hoe we toewerken naar een toekomst waarin Juno steeds meer gaat meedenken. Niet alleen signaleren dat iets mist, maar ook voorstellen wat je kunt doen. Denk aan:

  • AI-gestuurde dataverrijking
  • Automatische meldingen bij afwijkingen of vertraging
  • Agentic AI die beleidsadviseurs actief ondersteunt in hun regierol

Deze ontwikkeling is al gestart. Niet als trucje, maar als onderdeel van onze visie: beleidsmedewerkers uit de administratie halen en in de cockpit zetten.

Meer weten?

In ons whitepaper ‘Juno: cockpit voor de woningbouwopgave’ lees je uitgebreid hoe het platform is opgebouwd, hoe het zich in de praktijk bewijst, en hoe we samen met gebruikers bouwen aan de toekomst. Benieuwd hoe Juno jouw gemeente, regio of provincie kan helpen bij het realiseren van woningbouw? Neem dan contact met ons op, we denken graag met je mee.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits: Andrés Dallimonti via Unsplash

Van plannen naar projecten: zo helpt de Woningbouwimpuls gemeenten vooruit

In een eerdere blog schreven we over de Realisatiestimulans: een regeling die gemeenten vanaf 2026 beloont met €7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw is gestart. Maar dat is niet de enige rijksregeling die woningbouw stimuleert. Er is ook de Woningbouwimpuls (WBI) — een krachtig instrument dat zich richt op het financieel mogelijk maken van woningbouwprojecten met een onrendabele top. In deze blog leggen we uit wat de Woningbouwimpuls precies is, hoe je als gemeente gebruik kunt maken van de regeling, en waarom data en monitoring — en dus ook Juno — een belangrijke rol spelen bij een succesvolle aanvraag.

Wat is de Woningbouwimpuls?

De Woningbouwimpuls is een subsidieregeling van het Rijk waarmee gemeenten steun kunnen aanvragen voor woningbouwprojecten met een aantoonbaar publiek financieel tekort. De regeling bestaat al sinds 2020 en is inmiddels toe aan de zevende tranche.

Doel: versnelling van woningbouw door het overbruggen van de financiële kloof die publieke partijen ervaren bij bijvoorbeeld de aanleg van infrastructuur, bodemsanering of gebiedsontwikkeling.

Belangrijkste kenmerken:

  • Project moet leiden tot minimaal 200 netto nieuwe woningen (nieuwbouw minus sloop).
  • Minstens 50% van deze woningen moet betaalbaar zijn (sociale huur, middenhuur of betaalbare koop).
  • Gemeenten moeten aantonen dat er sprake is van een onrendabele top op de publieke grondexploitatie.
  • De bijdrage van het Rijk mag maximaal 50% van dit tekort dekken.
  • De bouw van de eerste woningen moet binnen 3 jaar na toekenning starten.

Hoe dien je een aanvraag in?

De aanvraagprocedure loopt via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en is relatief technisch:

  1. Opstellen van een businesscase, inclusief begroting, taxatie en exploitatieopzet.
  2. Ingevuld aanvraagformulier + begeleidende brief van B&W.
  3. Inzicht in verwachte start bouw, verwachte opbrengsten, onderliggende kostenposten.
  4. Duidelijke onderbouwing van de publieke noodzaak en de bijdrage aan versnelling

Let op: als woningen in het project al eerder rijkssteun hebben ontvangen, bijvoorbeeld via de Realisatiestimulans, moet dit expliciet worden toegelicht. Stapeling van subsidies is slechts beperkt toegestaan.

Hoe helpt data bij een goede aanvraag?

Een sterke WBI-aanvraag steunt op harde data:

  • Inzicht in de woningbouwprogrammering (types woningen, fasering).
  • Verankerde afspraken met ontwikkelaars en woningcorporaties.
  • Gebiedsgegevens zoals BAG-verblijfsobjecten, polygonen, luchtfoto’s, ontsluitingen en grondwaardes.
  • Monitoring van voortgang richting start bouw en vergunningverlening.

Met Juno helpen we gemeenten deze informatie te ontsluiten en te structureren.

Wat is de rol van Juno?

Juno biedt gemeenten een geïntegreerd woningbouwdashboard waarmee zij niet alleen hun projecten kunnen monitoren, maar ook data kunnen aanleveren voor rijksregelingen zoals de WBI of Realisatiestimulans:

  • Woningbouwmonitor (WBM): actueel overzicht van projecten, fasering en woningtypen.
  • Koppeling met BAG-data: essentieel voor het onderbouwen van start bouw en woningtypen.
  • Verantwoording en rapportage: data eenvoudig exporteren voor bijlage of toetsing.
  • Planning & prioritering: waar zit de grootste kans op versnelling?

Bovendien helpt Juno bij het identificeren van projecten waar een onrendabele top speelt — zodat je als gemeente proactief kunt bepalen waar een WBI-aanvraag kansrijk is.

Realisatiestimulans of WBI?

De Realisatiestimulans (vanaf 2026) en de Woningbouwimpuls zijn complementair:

Tot slot

De Woningbouwimpuls is geen simpele subsidie, maar voor gemeenten met grootschalige plannen kan het nét het duwtje in de rug zijn dat nodig is. Goede data, strakke monitoring en integrale samenwerking zijn de sleutel tot een succesvolle aanvraag. Met Juno bouw je niet alleen aan woningen, maar ook aan het fundament voor toekomstbestendige woningbouwsturing.

Zie ook

Whitepaper

Webinar

Blogs

Foto credits: Danist Soh via Unsplash

Tag Archief van: Juno

Werksessie: sturen op woningbouwdoelen en scenario’s

Hoe stuur je op woningbouwdoelen als de werkelijkheid zich niet aan de planning houdt?

Veel gemeenten sturen hun woningbouwopgave op basis van afspraken over aantallen woningen, doelgroepen en betaalbaarheid. Soms gekoppeld aan subsidies zoals de Woningbouwimpuls, soms aan regionale afspraken of eigen beleidsdoelen.

Maar wat gebeurt er als projecten anders lopen dan gepland?

  • Een project vertraagt door bezwaarschriften.
  • Een plan wordt aangepast.
  • Of een deel van de woningen valt weg door bijvoorbeeld netcongestie.

De praktijk laat zien dat woningbouwprogrammering een samenhangend geheel is. Wat in het ene project niet doorgaat, moet je mogelijk elders opvangen om afspraken en ambities overeind te houden. Dat vraagt om inzicht in de totale portefeuille én de mogelijkheid om scenario’s door te rekenen voordat afwijkingen echt problematisch worden.

Waarom deze sessie?

Samen met een aantal gemeenten, waaronder Geldrop-Mierlo, verkennen we hoe gemeenten hier beter op kunnen sturen. Veel gemeenten gebruiken nu spreadsheets om grip te houden op deze vraagstukken, maar ervaren dat dit in de praktijk complex en arbeidsintensief is.

In deze werksessie gaan we samen:

  • de problematiek en informatiebehoefte verder concretiseren;
  • praktijkvoorbeelden uitwisselen;
  • en een eerste verkenning doen van hoe een oplossing binnen Juno eruit zou kunnen zien (bijvoorbeeld scenario-analyse en impact op de totale programmering).

Voor wie?

Deze sessie is bedoeld voor:

  • beleidsadviseurs wonen
  • programmamanagers woningbouw
  • projectleiders gebiedsontwikkeling
  • en andere professionals die betrokken zijn bij het sturen op de woningbouwopgave

Aanmelden

We organiseren deze sessie met een kleine groep gemeenten om voldoende ruimte te houden voor interactie en verdieping.

Interesse om deel te nemen? Neem contact met ons op of meld je aan via bart@shintolabs.nl. 

N.B. het aantal deelnemers is beperkt!

Lancering Juno PPM: samen sturen op woningbouw met de markt

De woningbouwopgave vraagt om nauwe samenwerking tussen gemeenten, corporaties en ontwikkelaars. In de praktijk blijkt dat echter vaak lastig. Partijen zitten wel aan tafel, maar werken niet altijd vanuit hetzelfde beeld. Informatie is versnipperd, cijfers worden verschillend geïnterpreteerd en het kost veel tijd om tot een gedeelde werkelijkheid te komen.

De afgelopen jaren is sterk ingezet op monitoring en transparantie. Met Juno WBM en de publieke woningbouwkaart hebben veel organisaties hun inzicht op orde gebracht. Maar één essentiële stap ontbrak nog: het organiseren van het goede gesprek met de markt, op basis van gedeelde en gecontroleerde informatie.

Met de lancering van Juno PPM zetten we die stap nu wel.

Juno PPM maakt het mogelijk om woningbouwprojectinformatie gecontroleerd te delen tussen overheid en marktpartijen. Niet via losse overzichten of handmatig verzamelde data, maar direct aangesloten op de bestaande dataketen van gemeenten. Zo ontstaat één gedeeld vertrekpunt voor het gesprek aan versnellingstafels en bouwtafels.

In dit webinar laten we zien hoe Juno PPM werkt en hoe je het inzet in de praktijk. We nemen je mee in de uitgangspunten achter de oplossing, laten zien hoe je regie houdt op data en samenwerking en demonstreren dit aan de hand van een concreet voorbeeld.

Dit webinar is bedoeld voor beleidsadviseurs wonen, programmamanagers en betrokkenen bij versnellingstafels of bouwtafels die de volgende stap willen zetten: van inzicht naar samenwerking.

Wat je leert in dit webinar

  • Hoe je tot één gedeeld beeld komt tussen gemeente, corporaties en ontwikkelaars, zonder extra administratieve lasten
  • Hoe je versnellingstafels en bouwtafels ondersteunt met actuele en gecontroleerde projectinformatie
  • Hoe Juno PPM aansluit op je bestaande dataketen en het gesprek met de markt structureel verbetert

Inschrijven

Wil je deelnemen aan het webinar? Of wil je de opnames toegestuurd krijgen om het op een later moment terug te kijken? Schrijf je dan in via onderstaand formulier:

 

Inloopspreekuur Juno

Eind vorig jaar hebben we de nieuwe versie van Juno uitgerold. In de aanloop daar naartoe hebben we tweewekelijkse online inloopspreekuren georganiseerd. In 2026 gaan we door met deze inloopspreekuren alleen dan maandelijks.

Wanneer

De volgende sessie: dinsdag 12 mei 2026, 09:30–11:00 (online via Microsoft Teams)

Frequentie

Elke maand (zelfde dag/tijd), tot en met december 2026

Wat kun je verwachten

  • Demo’s van nieuwe of verbeterde functionaliteit
  • Antwoorden op migratie- en beheer­vragen (data, autorisaties, koppelingen)
  • Tijd voor jouw casus en feedback op onze roadmap

Voor wie

Iedereen die met Juno werkt: beleidsadviseurs, woningbouwregisseurs, projectleiders, beheerders en collega’s van provincies, gemeenten en corporaties.

Zo doe je mee

Laat je emailadres achter en we sturen je de Teams link:


Inloopspreekuur Juno

Eind vorig jaar hebben we de nieuwe versie van Juno uitgerold. In de aanloop daar naartoe hebben we tweewekelijkse online inloopspreekuren georganiseerd. In 2026 gaan we door met deze inloopspreekuren alleen dan maandelijks.

Wanneer

De volgende sessie: dinsdag 9 juni 2026, 09:30–11:00 (online via Microsoft Teams)

Frequentie

Elke maand (zelfde dag/tijd), tot en met december 2026

Wat kun je verwachten

  • Demo’s van nieuwe of verbeterde functionaliteit
  • Antwoorden op migratie- en beheer­vragen (data, autorisaties, koppelingen)
  • Tijd voor jouw casus en feedback op onze roadmap

Voor wie

Iedereen die met Juno werkt: beleidsadviseurs, woningbouwregisseurs, projectleiders, beheerders en collega’s van provincies, gemeenten en corporaties.

Zo doe je mee

Laat je emailadres achter en we sturen je de Teams link: